ECLI:NL:RBGEL:2024:6527
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.W. van Kasbergen
- T.P.E.E. van Groeningen
- R.P.W. van de Meerakker
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs feitelijke aanranding in Arnhem
Op 24 maart 2022 vond een incident plaats in de woning van het slachtoffer te Arnhem waarbij verdachte en slachtoffer samen waren. Het slachtoffer verklaarde dat verdachte haar zonder toestemming via het balkon was binnengedrongen, haar had gekust, op de bank had geduwd, had geprobeerd haar broek uit te trekken en haar in de buik had gestompt. Verdachte ontkende dit en stelde dat de seksuele handelingen vrijwillig waren.
De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van negen maanden, waarvan vijf voorwaardelijk, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte. De rechtbank overwoog dat hoewel het slachtoffer oprecht leek en haar verklaring werd ondersteund door getuigen, het bewijs beperkt was. Het forensisch bewijs steunde de verklaring van het slachtoffer, maar sloot het scenario van vrijwillige seks door verdachte niet uit.
Aanvullend forensisch onderzoek was door het tijdsverloop niet meer mogelijk, maar verdachte kon dit niet worden tegengeworpen omdat hij niet debet was aan het verstrijken van de tijd. De rechtbank kon daarom niet met voldoende zekerheid vaststellen wat er die avond was gebeurd en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde feit.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs omtrent de feitelijke aanranding.