ECLI:NL:RBGEL:2024:5951
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verwijzing van gezags- en adoptiezaken naar bevoegde rechtbank Rotterdam
In deze civiele zaken betreffende eenhoofdig gezag en stiefouderadoptie heeft de rechtbank Gelderland de bevoegdheidstoets uitgevoerd. De verzoeken zijn ingediend door de moeder en de stiefvader, waarbij de vader als belanghebbende is betrokken.
De rechtbank overweegt dat in zaken over kinderen de rechter van de woonplaats van de kinderen bevoegd is. Indien ambtshalve blijkt dat een andere rechtbank van gelijke rang bevoegd is, dient de zaak te worden verwezen, tenzij alle betrokken partijen expliciet aangeven geen doorverwijzing te wensen.
Hoewel de moeder en stiefvader geen doorverwijzing wensen, heeft de vader onvoldoende concreet verklaard dat hij geen doorverwijzing wenst. Zijn verklaring dat hij geen bezwaar heeft tegen een andere rechtbank is niet specifiek genoeg. Daarom besluit de rechtbank Gelderland ambtshalve de zaken te verwijzen naar de rechtbank Rotterdam.
De beschikking is op 30 augustus 2024 in het openbaar uitgesproken door rechter E.L. de Jongh, met griffier M.M. Verschuren, en betreft de zaaknummers C/05/439632 (gezag) en C/05/439565 (adoptie).
Uitkomst: De rechtbank Gelderland verklaart zich onbevoegd en verwijst de gezags- en adoptiezaken naar de rechtbank Rotterdam.