In deze kortgedingprocedure vordert de gemeente Bodegraven-Reeuwijk een verbod tegen gedaagde om uitlatingen te doen over een vermeend satanisch-pedofiel netwerk binnen de gemeente. Deze uitlatingen, die namen van vermeende daders, slachtoffers en locaties bevatten, zijn reeds eerder door de rechtbank Den Haag onrechtmatig verklaard en leidden tot strafrechtelijke veroordelingen van eerdere betrokkenen.
Gedaagde heeft sinds april 2023 vergelijkbare uitlatingen gedaan, ondanks sommatie van de gemeente om te stoppen. De rechtbank overweegt dat de vrijheid van meningsuiting van gedaagde beperkt mag worden vanwege het ontbreken van bewijs en de ernstige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer en veiligheid van inwoners, medewerkers en de advocaat van de gemeente.
De voorzieningenrechter verbiedt gedaagde met onmiddellijke ingang deze uitlatingen te doen en beveelt verwijdering van reeds gedane uitlatingen van online platforms. Bij overtreding wordt een dwangsom van €5.000 per keer opgelegd, met een maximum van €200.000, en is het vonnis uitvoerbaar bij lijfsdwang voor maximaal zestig dagen. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.