Uitspraak
1.De procedure
- het getuigenverhoor van 12 oktober 2023
- het getuigenverhoor van 25 januari 2024
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
De zaak betreft een geschil tussen woningbouwstichting Portaal en huurder over het hoofdverblijf in de gehuurde woning. Portaal stelde dat de huurder niet zijn hoofdverblijf in het gehuurde hield en vorderde ontbinding van de huurovereenkomst. De huurder bracht tegenbewijs in en deed getuigenverhoren, maar slaagde er niet in de stelling van Portaal te ontzenuwen.
De kantonrechter overwoog dat het begrip hoofdverblijf inhoudt dat het leven van de huurder zich hoofdzakelijk in en vanuit de woning afspeelt. Structureel verblijf elders en gebruik van de woning als uitvalsbasis is onvoldoende. De getuigenverklaringen van de huurder boden onvoldoende steun; getuigen van Portaal bevestigden juist het ontbreken van hoofdverblijf. Ook de omstandigheden dat de huurder regelmatig buiten op een vaste plek slaapt en in het ziekenhuis verbleef, maakten dit niet anders.
De kantonrechter oordeelde dat de huurder tekortgeschoten is in de nakoming van de huurovereenkomst door niet zijn hoofdverblijf te houden, wat een ernstige tekortkoming is die ontbinding rechtvaardigt. Het woonbelang van de huurder weegt niet op tegen het belang van Portaal om haar woningbestand eerlijk te verdelen, mede gezien de krappe woningmarkt.
De huurovereenkomst wordt ontbonden met onmiddellijke ingang, de huurder krijgt vier weken om te ontruimen, en wordt veroordeeld tot betaling van een huurachterstand van €1.879,36 plus rente. Tevens moet hij de lopende huurprijs betalen zolang hij de woning niet heeft ontruimd. Proceskosten worden aan de huurder opgelegd.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden omdat de huurder niet zijn hoofdverblijf in de woning hield, met ontruiming en betaling van huurachterstand tot gevolg.