Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.De ontvankelijkheid van de officier van justitie
inhaar vagina aangetroffen. De rechtbank komt alles afwegende tot het oordeel dat op grond van het dossier niet buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld dat verdachte met zijn vinger(s) seksueel is binnengedrongen bij aangeefster, nu haar verklaring onvoldoende steun vindt in de overige bewijsmiddelen. Verdachte wordt daarvan vrijgesproken.
4.De bewezenverklaring
subsidiair
of omstreeks15 november 2021 te Tiel,
in elk geval in Nederland,door
geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld ofeen andere feitelijkheid, [aangeefster] heeft gedwongen tot het ondergaan van
een ofmeer ontuchtige handelingen, te weten
/ofvastpakken van de borst
(en)van die [aangeefster] en
/of
/of
/ofde vagina, althans de schaamstreek van die [aangeefster] , welke
geweld en/of een anderefeitelijkheid
en/of welke bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, hierin heeft
/hebbenbestaan dat verdachte opzettelijk, terwijl hij, verdachte en die [aangeefster] beiden als patiënt in het ziekenhuis
was/waren opgenomen en
/ofwaarbij die [aangeefster] aan een infuus lag, in de nachtelijke uren naar het bed van die [aangeefster] is gelopen en
/of
)bij die [aangeefster] in het bed is gaan liggen en
/of
(en)onder het shirt en
/ofin de BH van die [aangeefster] heeft gebracht en
/of
)die [aangeefster] de woorden heeft toegevoegd “Wil je dit?”
, althans woorden van gelijke aard of strekkingen
/of
(en) eenmaal ofmeerdere malen in de broek en
/ofde onderbroek van die [aangeefster] heeft gebracht en
/of (daarbij
)die [aangeefster] de woorden “Nee dat ga ik niet doen, of toch wel…”
/of“Je wil dit niet hè, dan ga ik het ook niet doen, of toch wel..”
, althans woorden van gelijke aard of strekkingen
/of
/ofmeerdere malen voorbij is gegaan aan het
/deverbale en
/ofnon-verbale verzet/weerstand van die [aangeefster] en
/of
en/of afhankelijkheidssituatieheeft doen ontstaan, waaraan die zij zich niet kon of durfde te onttrekken.
5.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van de verdachte
8.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
9.De beoordeling van de civiele vordering
10.De toegepaste wettelijke bepalingen
11.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
180 (honderdtachtig) dagen;
178 (honderdachtenzeventig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de
proeftijd van twee jarenschuldig heeft maakt aan een strafbaar feit;
taakstrafvan
240 (tweehonderdveertig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [aangeefster] , een bedrag te betalen van € 2.540,- aan materiële schade/immateriële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 november 2021 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 35 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd.