Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
“Op woensdag 19 januari 2022, omstreeks 22:06 uur, reed de bestuurder van de AMG over de Apeldoornseweg te Arnhem, komende uit de richting van Apeldoorn en gaande in de richting van Arnhem. De bestuurder van de AMG naderde de kruising met de Europaweg met een gemiddelde indicatieve snelheid gelegen tussen de 143 km/h en 155 km/h. Hij reed vervolgens rechtdoor in de richting van de kruising met de oprit van de Al2, hij naderde deze kruising met een gemiddelde indicatieve snelheid gelegen tussen de 128 km/h en 141 km/h en negeerde het voor hem geldende rode verkeerslicht. Op datzelfde moment reden de bestuurders van de Fiat en de E-klasse in tegenovergestelde richting over de Apeldoornseweg, komende uit de richting van Arnhem en linksaf slaand in de richting van de oprit van de Al2. Hierdoor kwam de AMG in botsing met de Fiat en de E-klasse.” [20]
3.De bewezenverklaring
of omstreeks19 januari 2022 te Arnhem,
in de gemeente Arnhem, in elk geval in Nederland,als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (personenauto), komende uit de richting van Apeldoorn en
/ofgaande in de richting van Arnhem, daarmede rijdende over de weg, de Apeldoornseweg, roekeloos,
althans zeer dan wel aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en/of onachtzaamheeft gereden, hierin bestaande dat verdachte,
in elk geval meteen hogere snelheid dan de aldaar maximum toegestane snelheid van 80 kilometer per uur
, in elk geval met een hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden wasen
/of
/of
/of
/ofdie kruising kon overzien en waarover deze vrij
was/waren en
/of
in elk geval meteen hogere snelheid dan de aldaar maximum toegestane snelheid van 80 kilometer per uur
, in elk geval met een hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden wasen
/of
/of
en/of overis gereden en/of
/of
althans in aanrijding gekomen met,twee voertuigen die
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
8.De toegepaste wettelijke bepalingen
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de
proeftijdvan
drie jarenschuldig heeft maakt aan een strafbaar feit;
ontzegtverdachte ten aanzien van het bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van
2 (twee) jaren.