Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2023:6365

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
12 oktober 2023
Publicatiedatum
24 november 2023
Zaaknummer
C/05/426150 KG RK 23-787
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters wegens procesbeslissing

Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen drie rechters van de rechtbank Gelderland vanwege het afwijzen van onderzoekswensen, waaronder het horen van een verbalisant. De wrakingskamer heeft het verzoek op 12 oktober 2023 behandeld en het verzoek afgewezen.

De wrakingskamer oordeelt dat de beslissing van de rechters om de verbalisant niet te horen een procesbeslissing betreft, waartegen in beginsel geen wrakingsgrond bestaat. Alleen als een procesbeslissing of de motivering daarvan zó onbegrijpelijk is dat het een zwaarwegende aanwijzing oplevert voor vooringenomenheid, kan wraking worden toegewezen.

In deze zaak is de procesbeslissing niet onbegrijpelijk en is deze deugdelijk gemotiveerd. De rechters hebben zich niet inhoudelijk over de hoofdzaak uitgelaten en de wrakingskamer ziet geen objectieve rechtvaardiging voor de vrees van vooringenomenheid. Tevens is het verzoek om een anti misbruik bepaling afgewezen omdat die alleen in uitzonderlijke gevallen bij een eerste wrakingsverzoek kan worden opgelegd.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters wordt afgewezen wegens het ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.

Uitspraak

proces-verbaal
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem
Wrakingskamer
zaaknummer: C/05/426150 KG RK 23-787
proces-verbaal van de mondelinge beslissing van 12 oktober 2023
van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoeker]wonende te Arnhem,
op dit moment gedetineerd in de P.I. Dordrecht,
hierna te noemen: verzoeker,
advocaat: mr. Y. Moszkowicz,
strekkende tot de wraking van
mr. J.M. Graat, mr. M.M. Klaassen en mr. H. Kester
rechters in deze rechtbank,
hierna te noemen: de rechters.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het proces-verbaal van 12 oktober 2023 waarin het mondelinge wrakingsverzoek en de gronden daarvoor zijn vermeld
  • de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling op 12 oktober 2023.
1.2.
Bij de mondelinge behandeling zijn verschenen:
  • verzoeker, bijgestaan door mr. Y. Moszkowicz
  • de officieren van justitie
  • de rechters.
1.4
Ter zitting heeft de wrakingskamer mondeling uitspraak gedaan, die in uitgewerkte vorm, met de daaraan ten grondslag liggende overwegingen, als volgt luidt.

2.De beslissing

De wrakingskamer van de rechtbank wijst het verzoek tot wraking af.

3.De beoordeling

3.1.
De wrakingskamer geeft hiervoor de volgende motivering.
3.2.
Verzoeker heeft meerdere gronden aan zijn wrakingsverzoek ten grondslag gelegd, zoals blijkt uit het proces-verbaal van het mondelinge wrakingsverzoek en zoals toegelicht tijdens de mondelinge behandeling. De rechters hebben tijdens de mondelinge behandeling het verzoek gedaan en toegelicht om bij afwijzing van het wrakingsverzoek een zogenoemde ‘anti misbruik bepaling’ op te leggen.
3.3.
De beslissingen die op de zitting van 20 september 2023 zijn genomen betrekt de wrakingskamer niet bij zijn oordeel, omdat die feiten en omstandigheden niet direct nadat zij aan verzoeker bekend zijn geworden, zijn voorgedragen als grond voor wraking.
3.4.
De beslissing van de rechters van vandaag, om de verbalisant niet te horen, moet worden aangemerkt als een procesbeslissing. Vaste rechtspraak is dat dergelijke beslissingen in beginsel geen grond voor wraking opleveren. De vraag of een procesbeslissing inhoudelijk al dan niet juist moet worden geacht, leent zich niet voor een oordeel van de wrakingskamer. Dit is slechts anders indien een procesbeslissing of de motivering daarvan zó onbegrijpelijk is dat deze een zwaarwegende aanwijzing oplevert dat de rechters jegens verzoeker een vooringenomenheid koesteren, althans dat de vrees daarvoor naar objectieve maatstaven gerechtvaardigd is.
3.5.
De wrakingskamer is van oordeel dat hiervan geen sprake is. De procesbeslissing is niet onbegrijpelijk en is deugdelijk gemotiveerd. Voorts hebben de rechters zich met hun beslissing slechts uitgelaten over het verzoek om de verbalisant te horen en zijn zij met hun afwijzende beslissing niet inhoudelijk vooruitgelopen op hun eindoordeel in de hoofdzaak.
3.6.
Tot slot zal het verzoek van de rechters om een anti misbruik bepaling op te leggen worden afgewezen. Slechts in uitzonderlijke gevallen kan deze bepaling al bij een eerste verzoek om wraking worden opgelegd. Daarvan is in dit geval geen sprake.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.A. Roodenburg, voorzitter, mr. R. Pennings en mr. G. Edelenbos, allen rechter, in tegenwoordigheid van de griffier [griffier] en in het openbaar uitgesproken op 12 oktober 2023.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.