Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om hem een WIA-uitkering toe te kennen op basis van een arbeidsongeschiktheid van 47,61% per 8 maart 2021. Het UWV had aanvankelijk de uitkering afgewezen wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid, maar heeft dit na bezwaar herroepen.
De rechtbank heeft het medisch en arbeidskundig onderzoek van het UWV beoordeeld, waaronder rapporten van een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep. Eiser betwistte onder meer de vastgestelde urenbeperking, de gehanteerde functies en de salarisgegevens, en verzocht om aanvullend onafhankelijk onderzoek. De rechtbank wees dit verzoek af vanwege voldoende onderbouwing door het UWV en het ontbreken van nieuwe relevante medische informatie.
De rechtbank concludeert dat de medische situatie van eiser op 8 maart 2021 voldoende is onderkend en dat de arbeidsdeskundige functies passend zijn vastgesteld. De mate van arbeidsongeschiktheid van 47,61% is terecht vastgesteld. Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard, en proceskosten worden niet vergoed.