ECLI:NL:RBGEL:2023:4194

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
21 juli 2023
Publicatiedatum
21 juli 2023
Zaaknummer
05-260339-22
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Grootschalige productie van amfetamine in drugslab met betrokkenheid van meerdere verdachten

Op 21 juli 2023 heeft de Rechtbank Gelderland in Arnhem uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een verdachte die betrokken was bij de productie van amfetamine in een drugslab. De verdachte, geboren op een onbekende datum in een onbekende plaats en zonder vaste woon- of verblijfplaats, werd beschuldigd van het medeplegen van de productie van amfetamine, het voorhanden hebben van amfetamine en het plegen van voorbereidingshandelingen. De feiten vonden plaats tussen 1 oktober 2022 en 10 oktober 2022 in Nijkerk, waar de politie op 10 oktober 2022 een loods betrad en een grootschalig drugslab aantrof. In de loods werden grote hoeveelheden chemicaliën en amfetamine-olie aangetroffen, evenals diverse productiemiddelen. De rechtbank concludeerde dat de verdachte samen met drie anderen in het drugslab aanwezig was en actief betrokken was bij de productie van amfetamine. De rechtbank oordeelde dat er voldoende bewijs was voor de betrokkenheid van de verdachte, waaronder DNA-sporen die op verschillende voorwerpen in het lab waren aangetroffen. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 45 maanden, met aftrek van de tijd die hij al in voorlopige hechtenis had doorgebracht. De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, de rol van de verdachte in het drugslab en de schadelijke gevolgen van de productie van amfetamine voor de samenleving en het milieu.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer: 05/260339-22
Datum uitspraak : 21 juli 2023
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ,
zonder vaste woon-of verblijfplaats.
Raadsman: mr. R. van Veen, advocaat in Utrecht.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen.

1.De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is, na toewijzing van een vordering tot wijziging van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:
1.
hij in, op of omstreeks de periode van 1 oktober 2022 tot en met 10 oktober 2022 te Nijkerk tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk (in een pand aan de [adres] ) heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, (telkens) een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine(-olie) en/of een of meer ander(e) stoffen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, zijnde amfetamine(-olie) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
2.
hij in, op of omstreeks de periode van 1 december 2021 tot en met 10 oktober 2022 te Nijkerk, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen, te weten
- het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren, en/of
- het opzettelijk vervaardigen van amfetamine(-olie) en/of een of meer ander(e) stoffen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet
- ( een) locatie('s) aan de [adres] heeft gehuurd/betreden en/of deze locatie(s) ter beschikking heeft gesteld voor de productie van amfetamine(-olie),
- een of meer goederen welke worden gebruikt bij de productie van amfetamine (-olie) heeft/hebben gekocht,
- voorwerpen, vervoermiddelen en/of stoffen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte en/of zijn mededader(s), wist(en) of ernstige reden had(den) om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, door het voorhanden hebben van (onder andere)
- een (grote) hoeveelheid grondstof(fen) (te weten (in totaal) (ongeveer) 575 kilogram caustic soda, 480 liter mierenzuur, 500 liter formamide, 140 liter ethanol, 125 liter fosforzuur en/of 48 kilogram propaangas)
- een of meer (gas)masker(s) en/of
- 22, althans een of meer maatbeker(s) en/of
- een of meer gasfles(sen) en/of
- een of meer gasbrander(s) en/of
- een (1800 liter) reactie ketel (bestemd voor de productie van synthetische drugs) en/of
- een of meer stoomdestillatie opstelling(en) (met een destillatie ketel met een inhoud van één liter) en/of
- een of meer IBCCs) en/of dopvat(en) ten behoeve van de productie van die amfetamine(-olie) en/of een of meer ander(e) stoffen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;
3.
hij op of omstreeks 10 oktober 2022 te Nijkerk, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad
- ( in totaal) ongeveer 15,8 liter amfetamine-olie en/of
- ( in totaal) ongeveer 9,5 liter amfetamine-base,
in elk geval een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde amfetamine, telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs [1]
De feiten
Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat niet ter discussie staat, vastgesteld.
Op 10 oktober 2022 constateert de politie - nadat zij daar omstreeks 16:45 uur binnenviel - dat in een loods achter de woning aan de [adres] meerdere speciaal opgebouwde ruimten met hierin een onderliggende kelder met afzuiging en verlichting waren gemaakt ten behoeve van de industriële vervaardiging van verdovende middelen. In en rondom de kelderruimte werden grote hoeveelheden goederen, waaronder drugsafvalstoffen en voorraden chemicaliën, aangetroffen die passen bij de omzetting van een pre-precursor met sterk zuur naar BenzylMethylKeton (hierna: BMK) en de vervaardiging van amfetamine met de Leuckartmethode op industriële schaal. [2]
De loods was ingedeeld in meerdere compartimenten. De ruimtes waren allemaal op elkaar aangesloten. [3] De rode deur en de sectionaaldeur in de buitenmuur van de loods gaven toegang tot een werkplaatsachtige ruimte waar onder meer een lasapparaat stond. [4] Bij binnenkomst in de loods stond verder rechts een open IBC van circa 500 liter. In de loods bevond zich een met houten panelen afgescheiden ruimte (hierna: de scheidingsruimte) met een open zoldergedeelte. In de scheidingsruimte bevond zich een trap die uitkwam op een plateau naast het zoldergedeelte. Vanaf dit plateau gaf een deur toegang tot een verblijfsruimte. Linksachter in de scheidingsruimte gaf een houten trap toegang tot de kelder.
In de productieruimte in de kelder werden (onder meer) de volgende goederen aangetroffen:
  • een reactieketel met inhoudsmaat van circa 1800 liter;
  • tien gasbranders;
  • vijf gasflessen;
  • twee stoomdestillatieopstellingen met een inhoudsmaat van ieder circa 257 liter.
In de kelder bevonden zich verschillende jerrycans met twee fasen vloeistoffen en een IBC (
rechtbank: Intermediate Bulk Container; vloeistoftank) met vloeibaar drugsafval. De reactieketel was voor ongeveer driekwart gevuld met een borrelende vloeistof. Er kwamen twee koelers uit op de ketel in achter de ketel geplaatste IBC's met vloeistof. Er was een borrelend geluid te horen. De IBC' s waren in gebruik als gaswasser voor de uit de ketel uitwijkende hete dampen. De ketel werd op het moment van aantreffen verwarmd middels de bovengenoemde gasbranders die middels slangen waren aangesloten op propaangasflessen. De temperatuur van 95° Celsius en het volume van circa 1480 liter vloeistof in de reactieketel wezen erop dat de gasbranders al enkele uren in werking waren. [6] De reactieketel bleek op het moment van ontdekking in gebruik voor het vervaardigen van BMK met behulp van fosforzuur.
In de productieruimte (
in de kelder) werd verder een stapel van 22 vervuilde maatbekers gevonden. In de opslagruimte onderaan de keldertrap werden enkele IBC’s en drie rode dopvaten aangetroffen met daarin 600 liter amfetamine gerelateerd afval. Ook werd hier 40 liter ethanol aangetroffen.
Naast de loods stond een losse paardentrailer. In de trailer bevonden zich twee 1000 liter IBC’s. De voorste IBC was gevuld met ongeveer 300 liter vloeistof. Het bleek te gaan om amfetamine bevattend afval. Op beide aftappunten van de IBC’s waren slangen aangesloten die op de IBC’s lagen. Deze waren kennelijk bedoeld om de inhoud van de IBC’s snel leeg te kunnen laten lopen of lozen.
In de scheidingsruimte (
op de begane grond) werden de volgende chemicaliën aangetroffen:
  • 575 kilogram Caustic Soda;
  • 480 liter Mierenzuur;
  • 500 liter Foramide;
  • 100 liter Ethanol;
  • 125 liter Fosforzuur;
  • vier keer een volle Propaangas van twaalf kilogram per stuk.
Verder lag op een deel van de jerrycans met mierenzuur een los voorraadbriefje. Ook stond er een speciaal geconstrueerde rvs-vultrechter die middels een pvc-buis en een gat in de betonvloer diende om de chemicaliën in de hier recht onder geplaatste vulopening van de kookketel staande in de kelder te brengen. Rechts tegen de wand stond een scheidingskast met hierin vier scheitrechters die allen resten amfetamineolie bevatten. In de verblijfruimte werd verder een insteekmap aangetroffen met daarin A4-kopieën met de titel ‘Code’s’. Dit document had betrekking op onder meer chemicaliën en hardware voor de amfetamineproductie.
Op diverse plekken zijn half- en volgelaatsmaskers aangetroffen.
Verder werden de volgende vloeistoffen in de loods aangetroffen, bemonsterd en vervolgens getest door het NFI:
in de verblijfruimte (op de eerste verdieping):
3,8 liter van een heldere, kleurloze, olieachtige vloeistof in twee witte jerrycans. [7] Deze vloeistof bevatte een lage concentratie amfetamine; [8]
5 liter van een heldere, kleurloze, olieachtige vloeistof in twee andere jerrycans. [9] Ook deze vloeistof bevatte amfetamine; [10]

in de scheidingsruimte (op de begane grond):

1250 milliliter olieachtige vloeistof in een kunststof maatbeker. [11] Deze vloeistof werd positief getest op de aanwezigheid van amfetamine en amfetamine gerelateerde syntheseverontreinigingen; [12]
4 liter geelkleurige, olieachtige vloeistof in twee andere kunststof maatbekers. [13] De vloeistof bleek amfetamine en amfetamine relateerde syntheseverontreinigingen onder een alkalische waterige vloeistof te bevatten; [14]
1750 milliliter van een olieachtige vloeistof. [15] Ook die vloeistof bevatte amfetamine; [16]
4,5 liter van een troebele vloeistof. Het bleek te gaan om amfetamine-base. [17] De vloeistof bevatte amfetamine en ethanol; [18]

in de productieruimte (in de kelder)

5 liter amfetamine-base. [19] De vloeistof bevatte amfetamine en amfetamine gerelateerde syntheseverontreinigingen onder een alkalische, waterige vloeistof. [20]
Op 10 oktober 2023 waren in de loods vier personen aanwezig, [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [verdachte] en [medeverdachte 3] . Zij werden aangehouden nadat zij vanuit de verblijfsruimte op de eerste verdieping de trap af kwamen gelopen naar de scheidingsruimte op de begane grond. [21]
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder 1 tot en met 3 tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte dient te worden vrijgesproken van feiten 1, 2 en 3 wegens het ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs. Niet kan worden vastgesteld dat verdachte enige betrokkenheid - als pleger of als medepleger - had bij deze feiten. Op basis van het dossier kan slechts worden vastgesteld dat verdachte op 10 oktober 2022 in de loods aanwezig was. Hij heeft verklaard dat hij een waterleiding kwam repareren. Daarnaast is ten aanzien van feit drie nog betoogd dat verdachte geen weet had van de aanwezigheid van de verdovende middelen laat staan enige zeggenschap had over deze middelen hetgeen ook tot vrijspraak dient te leiden.
Beoordeling door de rechtbank
Op basis van de vaststaande feiten concludeert de rechtbank dat in de loods aan de [adres] een grootschalig drugslab was opgezet, waar op industriële wijze BMK en amfetamine werd vervaardigd en/of bewerkt via de Leuckartmethode. De voor deze methode benodigde chemicaliën en productiemiddelen, zoals ten laste gelegd onder feit 2, zijn op 10 oktober 2022 in de loods aangetroffen. Ook werd op 10 oktober 2022 in het lab 15,8 liter amfetamine-olie en 9,5 liter amfetamine-base aangetroffen.
Het productieproces was op het moment van aantreffen van het drugslab in volle gang. De reactieketel was op het moment van ontdekking gevuld met 1480 liter op 95° Celsius verwarmd fosforzuur voor de vervaardiging van BMK. De gasbranders stonden aan en moeten op dat moment dus ook al enkele uren aan hebben gestaan.
Op het moment van de ontdekking van het lab was verdachte daar samen met [medeverdachte 3] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] aanwezig. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of verdachte betrokken was bij deze grootschalige productie van amfetamine en de voorbereiding hiervan en zo ja, in welke periode.
Het drugslaboratorium was opgedeeld in diverse ruimten: de productieruimte (bestaande uit de scheidingsruimte op de begane grond en de ketelruimte in de kelder), alsmede de voorzolder en de leefruimte (beide op de eerste verdieping). In deze ruimten zijn goederen aangetroffen, voorzien van een SIN-nummer en vergeleken met het DNA-profiel van verdachte, wat heeft geleid tot de volgende resultaten:
in de ketelruimte: [22]
- op het mondstuk van de binnenzijde van een volgelaatsmasker ‘Delta plus’ met SIN-nummer AAKA0634 is een DNA-profiel aangetroffen van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard; [23]
in de leefruimte: [24]
- op de drinkrand van een beker met SIN-nummer AAPY8165 is een DNA-mengprofiel aangetroffen van minimaal twee donoren, van wie zeker één man. Er is een DNA-hoofdprofiel afgeleid van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard; [25]
- op vier sigarettenpeuken in een bekertje en twee sigarettenpeuken op de vloer met de respectievelijke SIN-nummers, AAPY8166, AAPY8167, AAPY8168, AAPY8169, AAPY8178 en AAPY8179 is een DNA-profiel aangetroffen van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard; [26]
- op de binnenzijde van een zwarte latex handschoen met SIN-nummer AAPY8175NL is een DNA-profiel aangetroffen van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard; [27]
- op het handvat van een schroevendraaier met SIN-nummer AAPY8176 is een DNA-mengprofiel aangetroffen van minimaal drie donoren, van wie zeker één man. Er is een DNA-hoofdprofiel afgeleid van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard; [28]
- op de binnenzijde van een halfgelaatmasker met SIN-nummer AAPY8186NL is een DNA-profiel aangetroffen van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard; [29]
- op een deels opgerookte sigarettenpeuk en twee sigarettenpeuken in een vuilniszak met de SIN-nummers AAPY8185NL, APPY8245NL en AAPY8195NL is een DNA-profiel aangetroffen van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard; [30]
Ook is in de werkruimte van de loods (zijnde de begane grond bij binnenkomst voor de scheidingsruimte) onder het zwenkwiel van het lasapparaat een zwarte latex handschoen aangetroffen en bemonsterd (SIN-nummer AA0C7144NL). [31] Op die latex handschoen is een DNA-profiel aangetroffen van een man, welke afkomstig kan zijn van verdachte [verdachte] . De frequentie van het DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard. [32]
Op basis van deze onderzoeksresultaten van het TMFI concludeert de rechtbank dat het DNA van verdachte [verdachte] is aangetroffen op de genoemde voorwerpen.
Verdachte heeft verklaard dat hij op 10 oktober 2022 naar de carpoolplaats, waar zijn auto later is aangetroffen, is gereden en vanaf daar is opgehaald en naar het drugslaboratorium is gebracht. [33]
In de auto van verdachte is in de middenconsole een telefoon aangetroffen waarvan de historische verkeersgegevens zijn opgevraagd. Het IMEI-nummer van deze telefoon komt op 13 verschillende dagen voor op de zendmast in Voorthuizen, te weten op 14 augustus, 23 augustus, 24 augustus, 25 augustus, 26 augustus, 30 augustus, 2 september, 5 september, 6 september, 7 september, 13 september, 14 september en 28 september 2022. [34]
Dat verdachte niet zou weten hoe die telefoon in zijn auto terecht is gekomen en van wie deze telefoon is, acht de rechtbank ongeloofwaardig. De rechtbank stelt vast dat de in verdachtes afgesloten auto aangetroffen telefoon van verdachte is.
Conclusies
Het vorengaande brengt de rechtbank tot de volgende conclusies.
Verdachte is op 10 oktober 2022 samen met drie anderen aangetroffen in een drugslab dat zich bevond in een afgesloten gedeelte van een loods op een boerenerf in het buitengebied van Nijkerk. Het productieproces van amfetamine met het bijbehorende geluid en geuren was op het moment van aanhouding van verdachte in volle gang. Dit is geen proces waarbij er in de ochtend iets aangezet kan worden wat zonder supervisie of bemoeienis een hele dag aanstaat tot de amfetamine(olie) klaar is. Het productieproces van amfetamine(olie) via de Leuckartmethode is een nauwkeurig scheikundig proces waarbij in een laboratorium-setting op verschillende momenten verschillende (grond)stoffen toegevoegd moeten worden om tot een bepaald specifiek resultaat te komen. Ook de omzetting van een pre precursor naar de precursor BMK is een scheikundig proces. Een drugslab van de omvang als aangetroffen in deze zaak, vereist dan ook de inzet van meerdere mensen (laboranten/”koks”) die actief met dit proces bezig zijn.
Verdachte is ten tijde van dit proces samen met drie anderen in het in werking zijnde drugslab aangetroffen. Daarnaast is in het drugslaboratorium (verdeeld over meerdere ruimten en meerdere verdiepingen) het DNA van de daar aangetroffen personen, waaronder dat van verdachte, aangetroffen. Dit DNA is ook aangetroffen op voorwerpen die direct gerelateerd kunnen worden aan het productieproces van amfetamine en op voorwerpen die daarmee verband houden. Zo is het DNA van verdachte onder meer aangetroffen op een half- en een volgelaatsmasker. Eén daarvan werd in de kelder waar de ketel in werking was aangetroffen. Verder zijn in verschillende ruimten latex handschoenen aangetroffen waar het DNA van verdachte aan de binnenzijde van die handschoenen aanwezig was. Naar het oordeel van de rechtbank zijn verdachte en drie andere in het laboratorium aangetroffen personen de uitvoerders die handelingen in het drugslab hebben verricht ten behoeve van het productieproces. Verder was er immers niemand aanwezig, terwijl het proces in volle gang was. Dat verdachte daar enkel op 10 oktober 2022 is geweest om een waterleiding te repareren en dit geheel los zou staan van de productie van amfetamine, is op geen enkele wijze aannemelijk geworden en acht de rechtbank gelet op het vorenstaande ongeloofwaardig. Alle bewijsmiddelen, te weten het parkeren van een auto op een carpoolplaats, het daarin achterlaten van een mobiele telefoon, het vervoerd worden náár en enkele uren later aangetroffen worden ín een in werking zijnd drugslab, terwijl het DNA van verdachte in diverse ruimten op diverse ook voor het productieproces relevante goederen wordt aangetroffen, duiden op betrokkenheid van verdachte bij het productieproces.
Verdachte was dus op 10 oktober 2022 betrokken bij de productie van amfetamine (feit 1) en gelet op de in het lab aangetroffen grondstoffen en zijn aanwezigheid aldaar ook betrokken bij de voorbereidingshandelingen voor de vervaardiging van de amfetamine op die datum (feit 2). Daarnaast acht de rechtbank bewezen dat verdachte weet had van de aanwezige amfetamine-olie en amfetamine-base en deze ook in zijn machtssfeer aanwezig waren. Omdat de in feit 3 primair tenlastegelegde hoeveelheden bewezen kunnen worden verklaard, komt de rechtbank – anders dan beoogd door de officier van justitie – niet meer toe aan de beoordeling van de impliciet subsidiair tenlastegelegde “grote hoeveelheid”.
Medeplegen
Uit het feit dat verdachte samen met drie anderen aanwezig was in het (grootschalige) draaiende drugslab volgt verder dat de verdachten samen opereerden als schakel in het proces, waardoor er dus sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen die verdachten en daarmee van medeplegen van de productie van de amfetamine (feit 1) evenals van de voorbereidingshandelingen van die productie (feit 2) en het aanwezig hebben van de amfetamine-olie en amfetamine-base (feit 3).
Periode
De telefoon van verdachte straalde voor het eerst op 14 augustus 2022 (en nadien meerdere malen) een mast aan in de directe omgeving van het drugslab. Verdachte heeft voor zijn aanwezigheid aldaar in de ten laste gelegde periode geen verklaring gegeven, sterker nog hij heeft ontkend daar in die periode in de buurt te zijn geweest. Tezamen met de hoeveelheid aangetroffen DNA en de aanwezigheid van verdachte op 10 oktober 2022 in het op dat moment draaiende lab, leidt dit tot de conclusie van de rechtbank dat verdachte in de ten laste gelegde periode van 1 tot en met 10 oktober 2022 amfetamine heeft geproduceerd (feit 1). Daarnaast acht de rechtbank eveneens bewezen dat verdachte van 14 augustus 2022 tot 10 oktober 2022 voorbereidingshandelingen heeft verricht, door het perceel aan de [adres] te betreden en de onder feit 2 genoemde stoffen en goederen voorhanden te hebben. Voor een ruimere periode is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.
Eendaadse samenloop
De bewezenverklaarde gedragingen leveren in die mate een samenhangend, zich in diezelfde periode en in dezelfde plaats afspelend feitencomplex op dat verdachte daarvan in wezen één verwijt kan worden gemaakt, terwijl de strekking van de desbetreffende strafbepalingen slechts enigszins uiteenloopt. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat met betrekking tot de tenlastegelegde feiten sprake is van eendaadse samenloop als bedoeld in artikel 55 van het Wetboek van Strafrecht.

3.De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
1.
hij in
, op of omstreeksde periode van 1 oktober 2022 tot en met 10 oktober 2022 te Nijkerk tezamen en in vereniging met
een of meeranderen
, althans alleen,opzettelijk (in een pand aan de [adres] ) heeft
geteeld en/ofbereid en
/ofbewerkt en
/ofverwerkt
en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, (telkens) een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine(-olie) en
/ofeen of meer ander
(e
)stoffen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, zijnde amfetamine(-olie) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
2.
hij in
, op of omstreeksde periode van
1 december 202114 augustus 2022tot en met 10 oktober 2022 te Nijkerk, tezamen en in vereniging met
een of meeranderen
, althans alleen,om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden en
/ofte bevorderen, te weten
- het opzettelijk
telen,bereiden, bewerken, verwerken
, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren,en
/of
- het opzettelijk vervaardigen van amfetamine(-olie) en
/ofeen of meer ander
(e
)stoffen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet
- ( een) locatie('s) aan de [adres] heeft
gehuurd/betreden
en/of deze locatie(s) ter beschikking heeft gesteld voor de productie van amfetamine(-olie),
- een of meer goederen welke worden gebruikt bij de productie van amfetamine(-olie) heeft/hebben gekocht,
- voorwerpen
, vervoermiddelenen
/ofstoffen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte en
/ofzijn mededader
(s
), wist
(en
)of ernstige reden had
(den
)om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, door het voorhanden hebben van (onder andere)
- een
(grote
)hoeveelheid grondstof
(fen
)(te weten
(in totaal) (ongeveer)575 kilogram caustic soda, 480 liter mierenzuur, 500 liter formamide, 140 liter ethanol, 125 liter fosforzuur en
/of48 kilogram propaangas)
- een of meer
(gas)masker
(s
)en
/of
- 22,
althans een of meermaatbeker
(s
)en
/of
- een of meer gasfles
(sen
)en
/of
- een of meer gasbrander
(s
)en
/of
- een (1800 liter) reactie ketel (bestemd voor de productie van synthetische drugs) en
/of
- een of meer stoomdestillatie opstelling
(en
)(met een destillatie ketel met een inhoud van één liter) en
/of
- een of meer IBC’s
)en
/ofdopvat
(en
)ten behoeve van de productie van die amfetamine(-olie) en
/ofeen of meer ander
(e
)stoffen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;
3.
hij op
of omstreeks10 oktober 2022 te Nijkerk, tezamen en in vereniging met
een of meeranderen
, althans alleen,opzettelijk aanwezig heeft gehad
- ( in totaal) ongeveer 15,8 liter amfetamine-olie en
/of
- ( in totaal) ongeveer 9,5 liter amfetamine-base,
in elk geval een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde amfetamine,telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.
Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
de eendaadse samenloop van
feit 1:
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder D van de Opiumwet gegeven verbod;
feit 2:
medeplegen van een feit, bedoeld in het vierde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, voorwerpen en stoffen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit;
feit 3:
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.

5.De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6.De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 48 maanden, met aftrek van de tijd die verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Verder heeft de officier van justitie de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis gevorderd, gelet op de ernst van de feiten.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat een (onvoorwaardelijke) gevangenisstraf die de duur van het ondergane voorarrest overstijgt, in dit geval niet passend is. Verdachte is niet eerder met justitie in aanraking gekomen en heeft om de week een weekend de zorg voor zijn kinderen. Ook is hij drukdoende zijn eigen autoschadebedrijf op te zetten en zou een gevangenisstraf langer dan het voorarrest dit doorkruisen.
De beoordeling door de rechtbank
De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.
Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan de productie van amfetamine en het voorhanden hebben van amfetamine-olie en amfetamine-base. Ook heeft hij met anderen strafbare voorbereidingshandelingen gepleegd, gericht op de productie hiervan. Amfetamine is een harddrug die zeer verslavend en schadelijk voor de gezondheid is. De handel in harddrugs is zeer lucratief. De productie en verkoop ervan gaat vaak gepaard met andere vormen van zware, georganiseerde criminaliteit, waaronder ernstige vormen van geweld. Daar komt bij dat het afval dat ontstaat door de productie van synthetische drugs vaak rechtstreeks in de natuur wordt geloosd, hetgeen grote schade aan de natuur veroorzaakt. Verdachte heeft al deze gevolgen op de koop toegenomen en zich enkel laten leiden door zijn eigen financiële gewin. Verdachte heeft zich geen rekenschap gegeven van de schadelijke gevolgen van hun handelen voor anderen en voor de natuur. Ten tijde van het betreden van de productieplaats bleek dat het productieproces vol in werking was.
De rechtbank heeft er bij het bepalen van de straf rekening mee gehouden dat het een grootschalig drugslab betrof, dat bedoeld was om grote hoeveelheden amfetamine(-olie) te produceren. Per cyclus kon 350 liter BMK worden verkregen, waaruit uiteindelijk 252 liter gedestilleerde amfetamineolie per keer kon worden verkregen. De paardentrailer naast de loods waar het lab zich bevond, was speciaal ingericht voor het opslaan en lozen van 2.000 liter drugsafval per keer. Een aantal van de verdachten communiceerden met elkaar via codes en maakten gebruik van stoorzenders en middelen om heimelijk mee te communiceren. Dit bevestigt voor de rechtbank het beeld dat sprake was van een professioneel opgezet samenwerkingsverband. Hoewel verdachte in het lab een onmisbare rol als uitvoerder had, kon hij kennelijk niet zelfstandig van en naar de locatie reizen. Hij werd geacht zich te melden bij een carpoolplaats waar hij vervolgens werd opgehaald en gebracht naar het lab. Ook zijn er bij verdachte geen heimelijke communicatiemiddelen aangetroffen. Met deze kleinere rol dan sommige medeverdachten hebben gehad, houdt de rechtbank rekening. Daarnaast is sprake van een langere bewezen betrokkenheid bij het lab dan bij andere in het lab aangetroffen medeverdachten. Ook hier houdt de rechtbank rekening mee bij de bepaling van de hoogte van de straf. De aard en ernst van het bewezenverklaarde rechtvaardigen naar het oordeel van de rechtbank echter zonder meer een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van lange duur. De rechtbank heeft bij de bepaling van de hoogte van de straf mede gelet op de oriëntatiepunten van straftoemeting van het LOVS voor een drugslab met deze productiecapaciteit en rechterlijke uitspraken in soortgelijke zaken.
De persoonlijke omstandigheden van verdachte zijn voor de rechtbank niet dusdanig zwaarwegend, dat dit tot het achterwege laten van een de oplegging van een substantiële gevangenisstraf moet leiden. Daarvoor is het aan verdachte te maken verwijt te ernstig. Verder heeft de rechtbank acht geslagen op het strafblad van verdachte. Daaruit volgt dat verdachte niet eerder voor een misdrijf is veroordeeld.
Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 45 maanden passend en geboden. De tijd die verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, zal daarop in mindering worden gebracht.
Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.
Schorsing van de voorlopige hechtenis
De rechtbank ziet geen aanleiding de schorsing van de voorlopige hechtenis op te heffen zoals door de officier van justitie is gevorderd. De rechtbank is van oordeel dat het persoonlijk belang van verdachte bij voortduring van de schorsing van de voorlopige hechtenis zwaarder weegt dan het strafvorderlijk belang bij opheffing van de schorsing. Daarbij komt dat de doelen die met de voorlopige hechtenis worden nagestreefd door het stellen van voorwaarden aan een schorsing ook kunnen worden bereikt. De enkele omstandigheid dat er thans een veroordelend vonnis is gewezen, is onvoldoende om de schorsing van de voorlopige hechtenis op te heffen.

8.De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen:
- 47 en 55 van het Wetboek van Strafrecht;
- 2, 10 en 10a van de Opiumwet;

9.De beslissing

De rechtbank:
 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;
 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;
 veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een
gevangenisstraf voor de duur van 45 maanden;
 beveelt dat de tijd door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

wijst afde vordering tot opheffing van het bevel tot schorsing.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.M. Vogel (voorzitter), mr. J.M. Graat en mr. L.F. Bögemann, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H. Jansen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 21 juli 2023.
De griffier is buiten staat mede te ondertekenen.

Voetnoten

1.Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Oost-Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, onderzoek Sourcy / ON4R022107, gesloten op 22 februari 2023 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.
2.Proces-verbaal van bevindingen LFO, p. 237.
3.AOT Proces-verbaal van bevindingen (beschrijving loods), p. 111.
4.Proces-verbaal van bevindingen, p.235.
5.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 240-247.
6.Het proces-verbaal van bevindingen LFO, p. 235-237.
7.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 240-247.
8.NFI-rapportage, p. 256.
9.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 247.
10.NFI-rapportage, p. 256.
11.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 242.
12.NFI-rapportage, p. 253.
13.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 242.
14.NFI-rapportage, p. 242.
15.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 242.
16.NFI-rapportage, p. 253.
17.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 243.
18.NFI-rapportage, p. 253.
19.Proces-verbaal van analyseresultaten en bevindingen LFO, p. 245.
20.NFI-rapportage, p. 255.
21.AOT Proces-verbaal van bevindingen (beschrijving loods), p. 111-112.
22.Proces-verbaal forensisch onderzoek bij assistentie doorzoeking [adres] , p. 184.
23.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 12 december 2022, p. 357.
24.Proces-verbaal forensisch onderzoek plaats delict ( [adres] ), p. 199-200.
25.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 20 december 2022, p. 366.
26.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 12 december 2022, p. 359.
27.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 12 december 2022, p. 359.
28.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 20 december 2022, p. 367.
29.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 12 december 2022, p. 360.
30.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 12 december 2022, p. 360.
31.Proces-verbaal forensisch onderzoek lasapparaat p. 233 en 234.
32.Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek TMFI d.d. 12 december 2022, p. 357.
33.Verklaring verdachte ter terechtzitting op 4 juli 2023.
34.Proces-verbaal van bevindingen (productieperiode), p. 464.