Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
vonnis
Intrum Nederland B.V., voorheen genaamd Lindorff B.V., rechtsopvolgster van de besloten vennootschap Wehkamp Finance B.V.
Rechtbank Gelderland
In deze civiele procedure vordert Intrum Nederland B.V. betaling van een openstaand kredietbedrag van gedaagde. De kantonrechter constateert dat de eisende partij onvoldoende concrete informatie heeft aangeleverd ter onderbouwing van haar vordering, waaronder het ontbreken van een mutatieoverzicht en het juiste Esic-formulier. Hierdoor wordt aangenomen dat de eisende partij niet heeft voldaan aan de verplichtingen uit artikel 7:60 e.v. BW en artikel 4:34 lid 1 Wft Pro, welke regels van openbare orde zijn.
De kantonrechter vernietigt daarom ambtshalve de kredietovereenkomst op grond van artikel 3:40 lid 2 BW Pro. Dit leidt ertoe dat de vordering niet toewijsbaar is en dat het reeds verstrekte krediet zonder rechtsgrond is verstrekt. Gedaagde dient daarom de kredietsom terug te betalen op grond van onverschuldigde betaling (artikel 6:203 BW Pro), maar is geen rente of kosten verschuldigd.
Omdat niet duidelijk is hoe de hoofdsom is opgebouwd, neemt de kantonrechter aan dat maximaal €1.000 openstaat. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag en in de proceskosten. Toekomstig ontbreken van een mutatieoverzicht wordt niet geaccepteerd. De wettelijke rente wordt niet toegewezen wegens gebrek aan grondslag.
Uitkomst: Kredietovereenkomst vernietigd, gedaagde veroordeeld tot betaling van €1.000 en proceskosten.