ECLI:NL:RBGEL:2022:5842
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering subsidie Private Sector Investeringsprogramma wegens ontbreken definitieve facturen
Eiseres, Confectiefabriek "de Berkel" B.V., had subsidie ontvangen voor een project in Moldavië gericht op de productie van medische kleding. De minister stelde de subsidie uiteindelijk vast op een lager bedrag dan oorspronkelijk verleend, vanwege het ontbreken van definitieve facturen voor bepaalde kostenposten. De minister vorderde daarom een bedrag van € 4.382 terug.
Eiseres voerde aan dat zij geen verwijt treft voor het ontbreken van de facturen en dat de minister eerder had moeten vragen om deze stukken. Ook stelde zij dat zij het project ondanks verliezen voortzette en dat de administratie zich grotendeels in Moldavië bevond. De minister stelde dat het noodzakelijk was dat kosten werden aangetoond en dat het algemene belang van rechtmatige besteding van publieke middelen zwaarder woog.
De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen het besluit van 15 juni 2020 niet-ontvankelijk was, omdat dat besluit was ingetrokken. Het beroep tegen het besluit van 4 juni 2021 was ongegrond. De minister had een voldoende kenbare belangenafweging gemaakt en gemotiveerd waarom terugvordering gerechtvaardigd was. De rechtbank wees erop dat eiseres de benodigde facturen had moeten bewaren en overleggen, ongeacht de duur van de procedure of de locatie van de administratie.
De rechtbank bepaalde verder dat de minister het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiseres moest vergoeden. Het beroep werd dus afgewezen, maar eiseres kreeg een vergoeding voor de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 15 juni 2020 is niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit van 4 juni 2021 is ongegrond; de terugvordering van € 4.382 blijft in stand.