Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Eiser A] , uit [plaats B] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
Eiser heeft een uitkering op grond van de Wet WIA aangevraagd, welke door het UWV op 12 november 2020 is afgewezen. Het bezwaar van eiser tegen dit besluit werd op 5 maart 2021 ongegrond verklaard. Eiser stelde beroep in tegen deze beslissing. Op 4 juli 2022 wijzigde het UWV het besluit op bezwaar, waarna eiser het beroep introk en aanspraak maakte op proceskostenvergoeding.
De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 8:75a Awb het bestuursorgaan, hier het UWV, bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan eiser, veroordeeld kan worden tot vergoeding van proceskosten. De rechtbank stelde vast dat het UWV niet betwistte dat het aan eiser was tegemoetgekomen en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten ad €759,- en het griffierecht ad €49,-.
De uitspraak werd gedaan door rechter M.A. Broekhuis op 6 september 2022 zonder zitting, nadat partijen toestemming hadden gegeven voor een beslissing op het verzoek tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €759,- en het griffierecht van €49,- aan eiser.