Uitspraak
Digi-D en in het bericht stond dat [slachtoffer 1] geld kon terugvragen. [slachtoffer 1] kwam via dit bericht op een website terecht die beveiligd leek. Daar heeft hij de bankgegevens van zijn privébankrekening van de ASN bank ingevoerd. [slachtoffer 1] kreeg vervolgens argwaan en heeft, na contact te hebben opgenomen met de ASN bank, uit voorzorg zijn digipas geblokkeerd. Omstreeks 17:00 uur werd [slachtoffer 1] op zijn vaste telefoonlijn gebeld door ene [naam 1] , die zei te bellen namens de ASN bank. Volgens [naam 1] waren er twee verdachte betaalverzoeken bij de bank tegengehouden. [naam 1] nam contact met [slachtoffer 1] op om zijn geld veilig te stellen. [naam 1] verzocht [slachtoffer 1] om Teamviewer op zijn computer te accepteren, zodat [naam 1] op afstand helpen. In goed vertrouwen heeft [slachtoffer 1] toestemming aan [naam 1] gegeven om zijn computer over te nemen. [slachtoffer 1] heeft meegekeken welke handelingen [naam 1] verrichte op zijn computer, maar soms bleef een helpscherm lang in beeld, waardoor [slachtoffer 1] de activiteiten van [naam 1] niet kon volgen. [slachtoffer 1] heeft van 17:00 uur tot 23:00 uur met [naam 1] aan de telefoon gezeten. In deze uren heeft [naam 1] het geld van de privé bankrekeningnummer van de ASN bank van [slachtoffer 1] en van de bankrekeningnummer van de twee stichtingen overgeboekt naar andere bankrekeningnummers. Om deze handelingen te voltooien, moest [slachtoffer 1] in opdracht van [naam 1] met de paslezers van de banken akkoord geven. In goed vertrouwen heeft [slachtoffer 1] dit gedaan. De bankpassen moesten volgens [naam 1] worden vernietigd en er moesten een nieuwe pincodes worden aangevraagd. Om de bankpassen te vernietigen zou [naam 1] een postbezorger naar de woning van [slachtoffer 1] sturen. Omstreeks 21:00 uur stond er een man in een uniform van PostNL aan de deur om de bankpassen op te halen. De man legitimeerde zich met de code die [slachtoffer 1] van [naam 1] had gekregen. Dit leek voor [slachtoffer 1] betrouwbaar. [slachtoffer 1] heeft vervolgens zijn bankpas en die van zijn vrouw aan de man gegeven. Aan [naam 1] had [slachtoffer 1] de bijbehorende pincodes al gegeven.
3.De bewezenverklaring
één of meertijdstippen op
of omstreeks19 mei 2021 te Wageningen en
/of’s-Gravenhage
, althans alleen
/ofhet ter
een ofmeer bankpas
(sen
)en
/of
/ofvan
(s
)en
/of
(s
)en
/of
(inlog
)gegevens (gebruikersnaam en
/ofwachtwoord) voor het onlinebankieren en
/of
waarin
/of(waarbij) in dat bericht een URL was opgenomen waarmee, na het klikken op die URL, personen werden doorgeleid naar een site waarop [slachtoffer 1] werd bewogen tot afgifte van gegevens waarmee kon worden ingelogd op één of meer rekeningen van die [slachtoffer 1] bij de
/of
)telefonisch contact op te nemen met voormelde [slachtoffer 1] en
/ofzich in dat
/ofheeft aangegeven dat er sprake was van
een of meerverdachte transacties vanaf de rekening van [slachtoffer 1] en
/of
/of
) verdachte en/ofzijn mededader(s) toegang hadden tot de computer van voormelde
althans zicht hadden op de door [slachtoffer 1] op zijn computer verrichte handelingen
/of
(op bankrekeningen
)waar voormelde [slachtoffer 1] toegang tot had, veilig gesteld dienden te worden en
/of(daartoe) een (groot) aantal transacties heeft geaccordeerd en
/ofaldus werd bewogen tot de afgifte van (ongeveer) €195.600,
althans een grote hoeveelheid geld geheel of ten deletoebehorende aan [stichting 1] en
/of(ongeveer) €55.000,
althans een grote hoeveelheid geld geheel of ten deletoebehorende aan de [stichting 2] en
/of
(vervolgens
)heeft aangegeven dat de bankpas
(sen
)behorende bij de rekeningen waartoe
(n
)te worden en
/ofdat die bankpassen
de bankpasdie in zijn bezit waren, opgehaald
werdwerden,
(grote
)hoeveelheid geld en
/of
(sen
)en
/ofgegevens waarmee kon worden ingelogd op
één ofmeer
op één of meer tijdstippen in ofomstreeks
de periode van3 maart 2021
tot en met 19 mei 2021te Sassenheim en
/of’s-Gravenhage
en/of (elders) in Nederland,
, althans alleen
/ofhet ter beschikking stellen van gegevens, te
of meerbankpas
(sen)en
/of
/of
(s)en
/of
(s)en
/of
(inlog
)gegevens (gebruikersnaam en
/ofwachtwoord) voor onlinebankieren
/personenbij die bank
(en)en
/of
(vervolgens
)telefonisch contact op te nemen met voormelde [slachtoffer 2] en
/ofzich in dat
/ofheeft aangegeven dat er sprake was van
een of meerverdachte transacties vanaf de rekening van [slachtoffer 2] en
/ofde bankpas die in haar bezit was, opgehaald werd,
/ofgegevens
of omstreeks4 maart 2021 te Helmond en
/of’ s-Gravenhage
en/of (elders) in Nederland,
, althans alleen
/ofhet ter beschikking stellen van gegevens, te weten:
of meerbankpas
(sen)en
/of
rekeninggegevens en/of
(s)en
/of
verificatiecode(s) en/of
/ofzich in dat telefoongesprek voor te
/ofheeft aangegeven dat er sprake was van
/ofom die reden dat (aan [slachtoffer 3]
/ofde bankpas die in zijn bezit
/ofde bij die bankpas
/of (inlog)gegevens (gebruikersnaam en/of wachtwoord) voor het
één ofmeer tijdstippen in
of omstreeksde periode van 3 maart 2021 tot en met 19 mei 2021 te Helmond en
/ofOegstgeest en
/ofLeiden
en/ofWageningen
en/of (elders) in Nederland,
een ofmeer anderen
en/of alleen, (telkens) met het oogmerk van
één ofmeer bankrekening
(en
)
althans een hoeveelheid geld, geheel of ten dele
/of
althans een hoeveelheid geld, geheel of ten dele
/of
toebehorende aan [stichting 2] en/of
toebehorende aan [slachtoffer 4] en/of
van (in totaal) €12.920, althans een hoeveelheid geld, geheel of ten dele
en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf
/datweg te nemen goed
(eren
)onder
zijn/hun bereik
heeft/hebben verdachte en
/ofzijn mededader
(s
)zich
(telkens
)toegang verschaft tot die
(en
)behorende
)gegevens en
/ofbankpas
(sen
)met daarbij behorende geheime pincode
(s
).
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
- De telefoon, merk Apple, G2627616;
- De Computer, merk HP, G2627617;
8.De beoordeling van de civiele vorderingen
[slachtoffer 1]vordert een bedrag van € 6.460,00.
[slachtoffer 2]vordert een bedrag van € 2650,00.
[stichting 2]vordert een bedrag van
€ 59.300,00.
[stichting 1]vordert een bedrag van
€ 42.329,57.
€ 59.300,00 en door de benadeelde partij [stichting 1] een bedrag van € 42.329,57 aan materiële schade gevorderd.
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
24 (vierentwintig) maanden;
8 (acht) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van
drie jarenniet heeft gehouden aan de volgende voorwaarden:
- verdachte gedurende de proeftijd actief zal deelnemen aan een gedragsinterventie, bestaande uit de COVA (plus) of een andere gedragsinterventie die gericht is op cognitieve vaardigheden. De reclassering zal bepalen welke training het precies zal worden. Verdachte zal zich houden aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer/begeleider.
- verdachte zal gedurende de proeftijd meewerken – indien dit nodig wordt bevonden, te beoordelen door de reclassering – aan controle van het gebruik van cannabis en indien de reclassering daar aanwijzingen toe heeft, de controle van andere middelen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor controle. De reclassering bepaalt hoe vaak verdachte wordt gecontroleerd.
- verdachte zich gedurende de proeftijd zal inzetten om te kijken naar de mogelijkheden van het vinden van zinvolle dagbesteding in de vorm van (vrijwilligers)werk of scholing.
- verdachte zijn medewerking zal verlenen aan het ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit afnemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;
- verdachte zijn medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht als bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht. De medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang de reclassering dit noodzakelijk acht zijn daaronder begrepen;
- beveelt de onttrekking aan het verkeer van de voorwerpen;
- De telefoon, merk Apple, G2627616;
- De Computer, merk HP, G2627617;
- veroordeelt verdachte in verband met de feiten onder nummer 2 en 5 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] € 6.460,00 ( zes duizend vier honderd en zestig euro) aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2021 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer 1] , een bedrag te betalen van € 6.460,00 (zes duizend vier honderd en zestig euro aan materiële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2021 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 74 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;
mr. J.M.J.M. Doon, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.L. Tuitert, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 7 maart 2022.