Uitspraak
bewindvoerder over alle goederen van
Rechtbank Gelderland
De eiser, als bewindvoerder van een cliënt met een Wlz-indicatie, vorderde terugbetaling van betaalde premies voor een aanvullende tandartsverzekering die volgens hem onverschuldigd was betaald omdat de zorg al via de Wet langdurige zorg werd gedekt. Hij stelde dat Menzis Zorgverzekeraar haar informatieplicht had geschonden door niet te waarschuwen voor mogelijke dubbele verzekering.
Menzis Zorgverzekeraar voerde verweer dat zij niet de contractspartij was voor de tandartsverzekering, maar Menzis N.V. De rechtbank stelde vast dat op de polis en in de algemene voorwaarden duidelijk stond dat Menzis N.V. de risicodrager was voor de aanvullende tandartsverzekering, niet Menzis Zorgverzekeraar N.V.
Daarmee was de eiser de verkeerde partij, en zijn vorderingen konden niet worden toegewezen. De rechtbank veroordeelde de eiser in de proceskosten en wees de vorderingen af. De overige verweren behoefden geen bespreking meer.
Uitkomst: Vorderingen afgewezen wegens verkeerde partij gedagvaard; eiser veroordeeld in proceskosten.