Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
[eiser sub 2]
[eiser sub 3],
1.[verweerder 1] ,
[verweerder 2],
1.De procedure
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 17 juli 2020.
2.De feiten
3.De vordering
€ 1.000,00 per dag verbeurt indien hij terzake van de naleving van dit gebod in gebreke is,
€ 6.500,00 (1,3 ha x € 2.500 x 2) vanwege het gedurende twee jaar niet kunnen beschikken over (de vruchten van) het perceel en € 1.430,00 (€ 1.100,00 x 1,3 ha) vanwege (extra) te maken bewerkingskosten, totaal € 7.930,00. [achternaam eisers] c.s. maakt aanspraak op betaling van een voorschot van € 7.500,00 op de uiteindelijk, in een schadestaatprocedure, vast te stellen schadevergoeding. Tot slot maakt [achternaam eisers] c.s. aanspraak op vergoeding van buitengerechtelijke kosten van € 3.262,50.
4.Het verweer
5.De beoordeling
1.086,00(2 punten × tarief € 543,00)
6.De beslissing
14 oktober 2020.