ECLI:NL:RBGEL:2020:1183
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming wegens huurachterstand en niet-betaling
De zaak betreft een geschil tussen huurder en verhuurder over een huurovereenkomst voor een woning te Arnhem. De huurder was bij verstek veroordeeld tot betaling van huurachterstanden en ontruiming. De huurder kwam in verzet en betwistte de hoogte van de vordering, stellende dat zij betalingen had verricht die niet waren bijgeschreven op de rekening van de verhuurder.
De kantonrechter stelde vast dat betalingen pas tot stand komen wanneer het bedrag op de rekening van de schuldeiser wordt gecrediteerd. Aangezien de bedragen niet waren bijgeschreven, waren deze juridisch niet betaald. De verhuurder had een huurachterstand van €4.886,11 plus buitengerechtelijke incassokosten en rente, in totaal €5.198,82.
De kantonrechter oordeelde dat deze achterstand de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming rechtvaardigt. Het verstekvonnis werd vernietigd en gewijzigd toegewezen, waarbij de huurder werd veroordeeld tot betaling van het bedrag, ontruiming binnen 14 dagen en proceskosten. De veroordelingen zijn uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden, de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van €5.198,82 met rente en proceskosten.