ECLI:NL:RBGEL:2019:6222
Rechtbank Gelderland
- Kort geding
- J.T. van Belzen
- Rechtspraak.nl
Vader moet kinderen laten deelnemen aan huwelijk en huwelijksreis van moeder
De moeder vordert dat de vader toestaat dat hun minderjarige kinderen aanwezig zijn bij haar huwelijk op 13 juli 2019 en dat zij met hen op huwelijksreis naar Disneyland in Frankrijk kan gaan van 19 tot 21 juli 2019. De vader had een vakantie in Slagharen geboekt in dezelfde periode en weigerde het toestemmingsformulier voor de huwelijksreis te ondertekenen. De voorzieningenrechter stelt vast dat de datum van het huwelijk al in maart 2019 bij de vader bekend was en dat hij aanvankelijk akkoord was met een eenmalige ruil van vakantieweken.
De vader baseert zijn weigering op de eerdere beschikking dat de kinderen in de betreffende periode bij hem zouden verblijven en op het feit dat hij de vakanties eerst definitief wilde vastleggen. De voorzieningenrechter oordeelt dat het huwelijk een unieke gebeurtenis is die zwaarder weegt dan de vakantie in Slagharen en dat het belang van de kinderen is gediend met aanwezigheid bij het huwelijk en de huwelijksreis. De vader wordt daarom bevolen de kinderen uiterlijk 13 juli 2019 om 13:00 uur aan de moeder af te geven.
Ter waarborging van naleving wordt een dwangsom van €1000 per uur opgelegd met een maximum van €10.000. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De vorderingen van de moeder worden toegewezen en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De vader wordt bevolen de kinderen op 13 juli 2019 aan de moeder af te geven en toestemming verleend voor de huwelijksreis, met oplegging van een dwangsom.