ECLI:NL:RBGEL:2019:412
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling indicatieduur van toegekende jeugdhulp in persoonsgebonden budget
Eisers, vertegenwoordigers van drie minderjarige kinderen met autisme en ADHD, betwistten de indicatieduur van zes maanden voor de toegekende jeugdhulp in de vorm van een persoonsgebonden budget (pgb) door de gemeente Arnhem. De indicaties waren ongewijzigd verlengd voor de periode van 1 december 2017 tot 1 juni 2018. Eisers stelden dat de motivering van de gemeente onvoldoende maatwerk bood en dat kortdurende verlengingen contraproductief waren.
De rechtbank stelde vast dat noch de Jeugdwet, noch gemeentelijke verordeningen een minimumduur voor indicaties voorschrijven. De rechtbank toetste daarom of de gemeente de verlenging voor zes maanden voldoende had gemotiveerd. De gemeente baseerde zich op het belang van tussentijdse evaluaties en de ontwikkelingsdoelen van de kinderen, waarbij vooruitgang mogelijk is ondanks het chronische karakter van hun beperkingen.
Verder merkte de rechtbank op dat de kinderen en hun ouders niet altijd bereid waren mee te werken aan evaluaties, waardoor het lastig was om de indicaties langer vast te stellen. De gemeente was voornemens een onafhankelijk deskundigenonderzoek te laten uitvoeren om toekomstige indicaties beter te kunnen bepalen.
Hoewel de hoorplicht in de bezwaarprocedure was geschonden omdat geen hoorzitting had plaatsgevonden, was er geen sprake van benadeling van eisers. De rechtbank paste artikel 6:22 Awb Pro toe en verklaarde het beroep ongegrond. De gemeente werd verplicht het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot verlenging van de indicatieduur van de jeugdhulp is ongegrond verklaard.