Uitspraak
beslissing
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem
1.De procedure
- verzoeker,
- de officier van justitie mr. T.G.C. Fölling met een collega.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter in een strafzaak, stellende dat de rechter hem onnodig grievend had bejegend met uitdrukkingen als 'kletspraat' en 'grote onzin', en dat dit duidde op vooringenomenheid.
De officier van justitie betoogde dat de rechter zijn taak had vervuld door kritisch te zijn en verzoeker voldoende gelegenheid te bieden zijn zaak toe te lichten, inclusief het horen van getuigen en het afspelen van een geluidsfragment.
De rechtbank overwoog dat wraking alleen mogelijk is bij concrete aanwijzingen van partijdigheid, en dat klachten over de wijze van bejegening niet via wraking maar via een klacht bij het gerechtsbestuur moeten worden ingediend.
Omdat verzoeker geen concrete feiten had gesteld die de schijn van partijdigheid rechtvaardigen, werd het wrakingsverzoek afgewezen. De beslissing werd uitgesproken door een meervoudige wrakingskamer.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van concrete aanwijzingen voor partijdigheid.