ECLI:NL:RBGEL:2019:3848
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen werkgever
Eiseres, werkgever van een werknemer die sinds september 2016 ziek was, kreeg een loonsanctie opgelegd door het UWV wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen. De werknemer had rug- en concentratieklachten en diende een WIA-uitkering aan. De rechtbank stelt vast dat eiseres onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar herplaatsingsmogelijkheden binnen de organisatie, omdat alleen functies op één niveau boven en onder de oorspronkelijke functie werden bekeken.
Daarnaast is het tweede spoortraject, bedoeld voor re-integratie buiten de eigen organisatie, niet tijdig gestart; dit had rond oktober 2017 moeten gebeuren maar startte pas in januari 2018. De rechtbank acht onvoldoende aannemelijk dat er sprake was van marginale arbeidsmogelijkheden die een tweede spoortraject overbodig zouden maken.
De aangevoerde rapporten van arbeidsdeskundigen bevestigen dat er geen volledige arbeidsongeschiktheid was en dat er re-integratiekansen zijn blijven liggen. De rechtbank concludeert dat de loonsanctie terecht is opgelegd en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen wordt ongegrond verklaard.