Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het schriftelijke wrakingsverzoek van 2 juli 2019
- het schriftelijke verweer van de rechter van 8 juli 2019
- de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling op 15 juli 2019.
Rechtbank Gelderland
De besloten vennootschap De Ruyterkade 128 B.V. heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die betrokken was bij haar civiele procedure met zaaknummer NL18.15452. Verzoekster stelde dat de rechter vooringenomen was, onder meer vanwege een opmerking tijdens de zitting en het voorlopige oordeel dat tot schikking aanspoorde.
De wrakingskamer beoordeelde eerst de ontvankelijkheid van het verzoek. Het verzoek werd meer dan drie maanden na de zitting van 25 maart 2019 ingediend, terwijl het wrakingsverzoek volgens artikel 37 lid 1 Rv Pro direct na het bekend worden van de feiten moet worden ingediend. De reden van verzoekster om te wachten wegens schroom en lopende schikkingsonderhandelingen werd niet als verschoonbaar erkend.
Daarnaast overwoog de wrakingskamer dat zelfs bij tijdige indiening het verzoek niet gegrond zou zijn geweest. De rechter wordt geacht onpartijdig te zijn tenzij uitzonderlijke omstandigheden het tegendeel aantonen. De opmerking van de rechter was een feitelijke constatering en er was geen bewijs dat verzoekster haar standpunten niet kon toelichten. Het voorlopige oordeel van de rechter tijdens de comparitie is een normaal onderdeel van de procedure en geen reden voor wraking.
De rechtbank verklaarde het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk en wees het af. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard en afgewezen wegens te late indiening.