Uitspraak
[gemachtigde] , mr. [B] .
mr. [A] . Namens verweerder zijn verschenen [gemachtigde] , mr. [B] en
[C] .
AWB 17/145.
3.De akte van levering vermeldt onder meer:
BEPALINGEN
4.Op akte is een bedrag van € 53.550 aan overdrachtsbelasting voldaan.
[2009] en bij de Belastingdienst ter registratie aangeboden, maar is niet ingeschreven in de Openbare Registers. In deze overeenkomst staat het volgende:
in aanmerking nemende:
Vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel
Het beroep van eiser op het gelijkheidsbeginsel kan evenmin slagen. De rechtbank stelt voorop dat het op de weg van eiser ligt om bewijs te leveren voor zijn stelling dat in dit geval het gelijkheidsbeginsel is geschonden. De rechtbank constateert dat eiser stelt dat in meer dan tien vergelijkbare gevallen het beroep op artikel 15 van Pro de WBR wel is toegewezen, maar dat hij ten aanzien van slechts twee gevallen de nodige bescheiden heeft overgelegd. In hoeverre het hier gaat om met eiser vergelijkbare gevallen, heeft eiser vervolgens onvoldoende inzichtelijk gemaakt, zodat de rechtbank alleen al om die reden niet toekomt aan de vraag of sprake is van een andere behandeling op grond van begunstigend beleid, oogmerk van begunstiging of dat in een meerderheid van de vergelijkbare gevallen een juiste wetstoepassing achterwege is gebleven. Indien niettemin veronderstellenderwijs ervan wordt uitgegaan dat deze twee gevallen vergelijkbaar zijn, dan nog heeft eiser hiermee naar het oordeel van de rechtbank niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van begunstigend beleid of een begunstigend oogmerk op grond waarvan in voorkomend geval een teruggaaf en vrijstelling van overdrachtsbelasting wordt verleend. Evenmin is aannemelijk geworden dat in een meerderheid van de gevallen een andersluidende beslissing is genomen.
(§ 4 van het BBBB).
mr. P.J. Tikken, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.H. Ruis, griffier.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;