Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 21 september 2018
[X] , te [Z] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Arnhem, verweerder.
Procesverloop
€ 150.000 en ‘rente [B] ’ € 1.939.
Hoewel deze verklaring een beeld schetst van de gang van zaken binnen de onderneming wordt hiermee op geen enkele wijze aannemelijk gemaakt dat het door haar betaalde bedrag in de belastingheffing is betrokken. Ook de verklaring van eiseres dat zij onder druk akkoord is gegaan met de vaststellingsovereenkomst om ‘overal van af te zijn’ kan haar niet baten.
Volgens de rechtbank wordt met de aangehaalde zinsnede de afspraak weergegeven die kennelijk tijdens het hoorgesprek is gemaakt dat eiseres zal onderzoeken of er nog nadere stukken zijn die de stelling dat sprake is van negatief loon kunnen onderbouwen. De rechtbank is van oordeel dat verweerder op geen enkele wijze een standpunt heeft ingenomen over de kwalificatie van de terug te betalen bedragen zodat de stelling van eiseres moet worden verworpen.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;