ECLI:NL:RBGEL:2018:2888
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak militair wegens ontbreken bijdrage van voldoende gewicht bij medeplegen poging zware mishandeling
De zaak betreft een 23-jarige militair die werd verdacht van medeplegen van poging tot zware mishandeling en mishandeling, gepleegd door het spuiten van brandbaar gas uit een bus deodorant op een slapende medesoldaat, gevolgd door het aansteken van het gas met een aansteker, waardoor het slachtoffer brandwonden opliep.
De officier van justitie stelde dat verdachte en een medeverdachte het feit samen hadden gepleegd, waarbij verdachte het incident had gefilmd en niets had gedaan om het te voorkomen, en vorderde een werkstraf.
De militaire kamer oordeelde echter dat verdachte zelf geen handelingen met de bus deodorant of aansteker had verricht en dat het filmen en niet ingrijpen onvoldoende was voor medeplegen. Er was geen bewuste en nauwe samenwerking vooraf en verdachte had geen bijdrage van voldoende gewicht geleverd.
Daarom sprak de militaire kamer verdachte vrij van zowel het primair als subsidiair ten laste gelegde feit. Het vonnis werd uitgesproken op 2 juli 2018 door de meervoudige militaire kamer van de Rechtbank Gelderland.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens het ontbreken van een bijdrage van voldoende gewicht aan het strafbare feit.