Uitspraak
1.Het verwijt dat verdachte wordt gemaakt
(opmerking rechtbank: [naam 1] , ook wel [naam 1] genoemd, maar verder als [naam 1] aangeduid)zou hebben geslagen. Verdachte ging met twee anderen met de auto naar de [naam supermarkt] . [slachtoffer] kwam aanlopen met nog een jongen. Toen verdachte op het punt stond om met [slachtoffer] te gaan praten, trok [slachtoffer] een groot mes.
(opmerking rechtbank: de bijnaam van verdachte)het wel”. De rechtbank vindt dat uit deze uitlatingen van anderen niet zomaar de bedoelingen van verdachte blijken.
3.Bewezenverklaring
of omstreeks8 juli 2017 te Warnsveld, gemeente Zutphen,
tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,aan [slachtoffer] opzettelijk
en met voorbedachten radezwaar lichamelijk letsel, te weten ernstige zwellingen en
/ofbloedingen en
/ofkneuzingen in de hersenen en
/ofkneuzingen in de hersenstam, in ieder geval ernstig hersenletsel, heeft
meermalen, in ieder geval éénmaal,met
(veel
)kracht en
/ofmet gebalde vuist in/tegen het gezicht/gelaat, in ieder geval tegen het hoofd te
slaan/stompen, waardoor die [slachtoffer]
(met zijn achterhoofd)op de grond is gevallen en
/of
(vervolgens
)die [slachtoffer] (terwijl hij bewusteloos op de grond lag),
meermalen, in ieder geval éénmaal,met
(veel
)kracht en
/ofmet gebalde vuist in/tegen het gezicht/gelaat, in ieder geval tegen het hoofd te
slaan/stompen,