ECLI:NL:RBGEL:2018:198
Rechtbank Gelderland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Geen legessanctie bij legesheffing voor omgevingsvergunning binnen tienjaarstermijn onherroepelijk bestemmingsplan
Eiser had bezwaar gemaakt tegen de leges van €13.115,84 die hem in rekening waren gebracht voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. Hij stelde dat de legessanctie van artikel 3.1, vierde lid, Wro van toepassing was omdat meer dan tien jaar waren verstreken sinds de vaststelling van het bestemmingsplan op 1 november 2006.
Verweerder voerde aan dat de termijn van tien jaar pas begint te lopen vanaf het moment dat het bestemmingsplan onherroepelijk werd, namelijk op 6 juli 2007 na het goedkeuringsbesluit van Gedeputeerde Staten. De rechtbank bevestigde dit standpunt en oordeelde dat de legessanctie pas vanaf 6 juli 2017 zou gelden.
De rechtbank overwoog verder dat eiser op basis van de beschikbare informatie via de gemeentelijke website en de planinformatie had kunnen en moeten begrijpen dat de leges verschuldigd waren. Er was geen sprake van schending van het rechtszekerheidsbeginsel of het zorgvuldigheidsbeginsel door verweerder.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de legesheffing bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de legesheffing wordt ongegrond verklaard omdat de legessanctie niet van toepassing is zolang de tienjaarstermijn vanaf het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan niet is verstreken.