Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lochem, verweerder.
[derde-partij], te [woonplaats] .
Rechtbank Gelderland
Derde-partij heeft een omgevingsvergunning gekregen voor het bouwen van een houten wandelbrug op schroefpalen op de Gorsselse Heide, die in strijd is met het bestemmingsplan vanwege de oppervlakte van 70 m2, terwijl maximaal 20 m2 is toegestaan.
Eiseres stelde beroep in tegen het besluit en voerde onder meer aan dat de vergunning in strijd is met het Natuurherstelplan, dat de watertoets onzorgvuldig is uitgevoerd en dat er geen overleg met het waterschap heeft plaatsgevonden. Ook werd aangevoerd dat een geotechnisch onderzoek ontbrak en dat er onvoldoende aandacht was voor beschermde natuurwaarden.
De rechtbank oordeelt dat het Natuurherstelplan geen toetsingskader vormt voor de vergunningverlening en dat de provincie en Rijksdienst voor Ondernemend Nederland op de hoogte waren en geen bezwaar hadden. De watertoets is voldoende uitgevoerd en het overleg met relevante instanties is adequaat geweest. Het geotechnisch onderzoek dat tijdens het beroep is gedaan, toont geen negatieve effecten aan. De stelling dat een verklaring van geen bedenkingen vereist is, is onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit, ondanks een motiveringsgebrek, niet leidt tot schending van belangen van eiseres. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het griffierecht wordt aan eiseres vergoed en de proceskosten worden vastgesteld op €40,60.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.