ECLI:NL:RBGEL:2017:3190
Rechtbank Gelderland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling revisierente bij afkoop lijfrente boven drempelbedrag
In deze zaak vordert eiser herziening van de voorlopige aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2015 vanwege de berekening van revisierente over een afkoop van een lijfrente.
Eiser ontving in 2015 een bedrag van € 40.829 van zijn levensverzekeraar, wat € 829 boven het drempelbedrag van € 40.000 ligt zoals genoemd in artikel 3.133, negende lid, letter c, van de Wet IB. Over dit meerdere is revisierente berekend van € 8.165,94. Eiser stelt dat hij zich niet bewust was van de fiscale consequenties en verzoekt om coulance om deze vermeende fout te herstellen.
De rechtbank stelt vast dat de Belastingdienst de wettelijke regels correct heeft toegepast en dat de grondslag voor de revisierente juist is vastgesteld. Hoewel de rechtbank begrip heeft voor de ervaren onbillijkheid, is zij gebonden aan de wet en kan zij geen rekening houden met billijkheidsoverwegingen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het verzoek tot kwijtschelding van revisierente af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de berekening van revisierente over de afkoop van lijfrente is ongegrond verklaard.