Uitspraak
[klager], hierna te noemen: klager
Rechtbank Gelderland
In deze zaak heeft de raadsman van klager namens hem een verzoek ingediend bij de rechter-commissaris om onderzoekshandelingen te verrichten, waaronder het horen van een belastende getuige in een zedenzaak. De rechter-commissaris wees dit verzoek af omdat het strafdossier nog niet was ontvangen en er geen parketnummer was toegekend.
Klager maakte bezwaar tegen deze afwijzing. De militaire raadkamer behandelde het bezwaarschrift en oordeelde dat klager op grond van artikel 182 Wetboek Pro van Strafvordering het recht heeft om onderzoekshandelingen te verzoeken, ook voordat het Openbaar Ministerie een vervolgingsbeslissing heeft genomen. Het verzoek is niet prematuur en kan bijdragen aan de afdoening van de zaak.
De raadkamer weegt het verdedigingsbelang zwaarder dan het belang van de getuige, die minderjarig is, en bepaalt dat de getuige alsnog zal worden gehoord in een beschermde omgeving. Het verzoek om de getuige onder ede te horen en als eerste te mogen bevragen wordt afgewezen. De raadkamer verklaart het bezwaarschrift gegrond, vernietigt de beschikking van de rechter-commissaris en bepaalt dat de getuige zal worden gehoord.
Uitkomst: Het bezwaarschrift wordt gegrond verklaard en de rechter-commissaris wordt bevolen de getuige alsnog te horen.