In deze civiele procedure tussen Rubdam B.V. en Irjecha B.V. / BVDO staat de afrekening na samenwerking en de geldigheid van aanvullende afspraken centraal. Rubdam B.V. moest bewijzen dat bepaalde klanten door BVDO waren overgenomen en dat hierover afspraken waren gemaakt over het te ontvangen rendement. Deze bewijslevering bleef uit.
De rechtbank oordeelde dat ondanks beweringen van erkenning van afspraken, Irjecha/BVDO geen huidige verplichtingen erkent en dat Rubdam/B.V. onvoldoende bewijs leverde om rechten aan de aanvullende afspraken te ontlenen. Hierdoor werden de vorderingen die op deze bewijsopdrachten steunden afgewezen.
Wel werd vastgesteld dat BVDO een vergoeding voor Verasol klanten aan Rubdam B.V. verschuldigd is, waarvoor een bedrag van €27.225 inclusief wettelijke rente werd toegewezen. In reconventie werd een kleinere vordering van €90,06 toegewezen aan BVDO. De proceskosten werden tussen partijen gecompenseerd, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt.