Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
Naar het oordeel van de rechtbank kan op basis van de in het dossier aanwezige bewijsmiddelen niet worden vastgesteld dat verdachte op het moment dat hij voornoemde handelingen verrichtte, wist dat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] voornemens waren om een misdrijf of meerdere misdrijven te plegen. Het dossier biedt voorts onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen oordelen dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zijn handelen zou bijdragen aan een misdrijf of meerdere misdrijven. Gezegd zou kunnen worden dat verdachte redelijkerwijs had moeten vermoeden dat iets niet in de haak was. Dit is evenwel ontoereikend om te kunnen spreken van - zogeheten - voorwaardelijk opzet op het leveren van een bijdrage aan een misdrijf of meerdere misdrijven. Dat verdachte voor zijn medewerking geld heeft ontvangen maakt dit niet anders.
(opmerking rechtbank: verdachte bedoelt hiermee [medeverdachte 1] ). [5] Toen hij de spullen verkocht, was zijn moeder erbij. Hij heeft de spullen voor € 350,-- aan [medeverdachte 1] verkocht. Verdachte denkt dat [medeverdachte 1] wel in de gaten had dat het niet deugde met de goederen. [6]
Verdachte heeft erkend dat de Playstation 3, een flatscreen van het merk Samsung, de fotocamera met statief, een aantal gereedschapskisten en een tweetal boxen in de schuur van zijn moeder hebben gelegen. [10] De verklaring die verdachte daarvoor geeft, te weten dat zijn moeder eigenaar was van die spullen, acht de rechtbank in het licht van de verklaring van zijn moeder en van zijn eigen (zojuist aangehaalde) verklaring, inhoudende dat [medeverdachte 1] wel in de gaten had dat het niet deugde met de goederen, echter niet geloofwaardig.
3.Bewezenverklaring
of omstreeksde periode gelegen tussen 12 juni 2012 tot en met 30 juni
in elk geval enig goed, geheel of ten dele
in elk geval aan een ander of anderen dan
op één of meerdere tijdstippenin
of omstreeksde periode tussen 27 juli
in elk geval in Nederland,
/ofeen Sony Playstation
en/of een
/ofeen fotocamera met statief en
/of één
(en
)en
/of één ofmeerdere gereedschapkist
(en
) en/of
(een)door misdrijf verkregen goed
(eren
)betrof;
in/uit een woning heeft weggenomen
/ofeen computer (merk Dell) en
/ofeen mobiele
/ofeen fotocamera (merk Fuij),
in elk geval enig
in elk geval aan
en/of de/het weg te nemen goed(eren)
op een of meer tijdstip(pen),in
of omstreeksde periode van 5 april 2013
(meermalen en met
)in/op/tegen het gezicht
en/of op tegen het hoofdheeft
/ofpijn heeft
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
Verdachte wendt zich al vrijwillig tot Iriszorg. De rechtbank acht het echter van belang dat een dergelijke vorm van hulpverlening wordt voortgezet. Dat is zowel in het belang van de samenleving als van verdachte. Om dat te bewerkstelligen zal de rechtbank aan het voorwaardelijke strafdeel een bijzondere voorwaarde in de vorm van een meldplicht koppelen, ook om te voorkomen dat verdachte op enig moment de hulpverlening eenzijdig zal beëindigen. De rechtbank ziet gelet op het tijdsverloop af van het opleggen van een gedragsinterventietraining en een opname in een instelling voor begeleid wonen als bijzondere voorwaarden.
8.De toegepaste wettelijke bepalingen
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden;
niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, wegens niet nakoming van na te melden voorwaarden voor het einde van de proeftijd die op twee jaren wordt bepaald;
werkstrafgedurende
180 (honderdtachtig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 90 (negentig) dagen;
De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [bedrijf 1] (parketnummer 06/950518-12);
benadeelde partij [bedrijf 1] niet-ontvankelijkin haar vordering;
De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [bedrijf 4] (parketnummer 06/950518-12);
benadeelde partij [bedrijf 4] niet-ontvankelijkin haar vordering;
De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [bedrijf 7] (parketnummer 06/950518-12);
benadeelde partij [bedrijf 7] niet-ontvankelijkin haar vordering;
De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [bedrijf 8] (parketnummer 06/950518-12);
benadeelde partij [bedrijf 8] niet-ontvankelijkin haar vordering.
De beslissing op de vordering na voorwaardelijke veroordeling
(in plaats vanhet geven van een last tot tenuitvoerlegging van de
gevangenisstraf, groot één week,die aan veroordeelde voorwaardelijk is opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Zutphen op 22 januari 2013, met parketnummer 06/223381-12)
een werkstraf voor de duur van 20 (twintig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 10 (tien) dagen.