Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 29 juli 2015
- het proces-verbaal van comparitie van 1 oktober 2015.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
904,00(2,0 punten × tarief € 452,00)
Rechtbank Gelderland
Eiser en gedaagde, beiden zzp'ers, werkten samen aan het omzagen van een boomstam met twee kettingzagen. Tijdens het zagen raakte gedaagde per ongeluk de rechteronderarm van eiser met de kettingzaag, wat leidde tot een bijna volledige amputatie.
Achmea, de aansprakelijkheidsverzekeraar van gedaagde, erkende aansprakelijkheid en bood aan 50% van de schade te vergoeden. Het geschil betrof de mate van eigen schuld van eiser, die ontkende eigen schuld te hebben, terwijl gedaagde stelde dat eiser 75-100% eigen schuld had.
De rechtbank stelde vast dat beide partijen zonder communicatie van de routine afweken: eiser wilde de stam loswrikken met zijn handen zonder dit kenbaar te maken, terwijl gedaagde terugkeerde naar een eerdere zaagsnede zonder te weten waar eiser zich bevond.
Gezien het gevaarlijke karakter van de kettingzaag en het gebrek aan communicatie, werd de eigen schuld verdeeld op 50%-50%. De ernst van het letsel maakte dat een verhoging van de eigen schuld van eiser teniet werd gedaan. De vorderingen van eiser werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank stelt eigen schuld van beide partijen op 50% en wijst de vorderingen van eiser af.