Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 30 juli 2014
- het proces-verbaal van comparitie van 1 oktober 2014
- de uitlatingen voortprocederen van partijen.
2.De feiten
de rechtbank) is van overeenkomstige toepassing.
de rechtbank), echter na toepassing van het in artikel 4 lid 2 bedoelde Pro voorbehoud (op stille reserves ten aanzien van onroerende zaken,
de rechtbank)ten behoeve van [[gedaagde]].
f5.000,00 te boven gingen, een aantal handelingen buiten het doel van de v.o.f. hebben verricht zoals de oprichting van de ‘Jowiszolder’ en daarmee ook het concurrentiebeding uit de vennootschapsovereenkomst hebben overtreden. Ook zou hij zichzelf en zijn echtgenote een arbeidsvergoeding hebben toegekend zonder contractuele grondslag.
3.Het geschil in conventie en in reconventie
4.De beoordeling in conventie en in reconventie
mutatis mutandisvoor de vorderingen tot veroordeling van [gedaagde] om zich bij het handelsregister te laten uitschrijven als vennoot van de v.o.f. en mee te werken aan overdracht van op naam van de v.o.f. staande zaken aan [eiser] De beslissingen hierover zullen worden aangehouden totdat beslist is op de overige onderdelen van de vorderingen.
heeft bovendien zelf door niet op ondertekening aan te dringen, zoals art. 8 lid 3 van Pro de vennootschapsakte voorschrijft, zich de mogelijkheid onthouden te verifiëren of zijn vader kennis genomen had van de inhoud van de jaarstukken. Dit geldt eens temeer voor de periode vanaf 2003, ten aanzien waarvan vaststaat dat [gedaagde] zich niet met de bedrijfsvoering bemoeide, terwijl [eiser] met nadruk aanvoert dat [gedaagde] daartoe ook niet meer in staat was.
(i) rente over een negatief saldo op de kapitaalrekening
5.De beslissing
11 februari 2015voor het nemen van een akte door [eiser] over hetgeen is vermeld onder 4.20, 4.21, 4.24, 4.25, 4.28, 4.32, 4.34 en 4.39, waarna [gedaagde] op de rol van twee weken daarna een antwoordakte kan nemen,