ECLI:NL:RBGEL:2015:1134
Rechtbank Gelderland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Overgang van onderneming bij exploitatie tankstation ondanks wijziging merk en corporate identity
De zaak betreft een geschil over de overgang van onderneming van een tankstationexploitatie van [gedaagde partij sub 2] naar [gedaagde partij sub 1]. Na beëindiging van de huurovereenkomst tussen [gedaagde partij sub 1] en BP, die het tankstation aan [gedaagde partij sub 2] onderverhuurde, nam [gedaagde partij sub 1] de exploitatie over en veranderde het merk van Gulf naar Shell.
Werknemers vorderden loonbetaling van de nieuwe exploitant op grond van overgang van onderneming volgens artikel 7:662 BW Pro. [gedaagde partij sub 1] betwistte dit en stelde dat geen economische eenheid met behoud van identiteit was overgedragen, onder meer omdat de bovengrondse tankinstallaties en corporate identity waren verwijderd en het klantenbestand anders zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat de exploitatie van het tankstation met wasstraat op dezelfde locatie en met grotendeels dezelfde infrastructuur en personeel werd voortgezet. De wijziging van Gulf naar Shell als merk en corporate identity deed niet af aan de identiteit van de onderneming. Het klantenbestand bestond voornamelijk uit passanten en was niet substantieel gewijzigd.
Daarom kwalificeerde de overdracht als overgang van onderneming, waardoor werknemers van rechtswege in dienst zijn gebleven bij [gedaagde partij sub 1]. De primaire vordering tot loonbetaling werd toegewezen, terwijl de vorderingen tegen [gedaagde partij sub 2] werden afgewezen. Proceskosten werden aan beide zijden toegewezen conform de uitkomst.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat sprake is van overgang van onderneming en veroordeelt de nieuwe exploitant tot loonbetaling aan werknemers.