ECLI:NL:RBGEL:2014:6565
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen bevestigd zonder matiging
Eiseres kreeg een boete van €176.000 opgelegd wegens 22 overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat Bulgaarse personen zonder tewerkstellingsvergunning werkzaamheden verrichtten via onderaannemer en aannemer. De rechtbank stelt vast dat deze personen als werknemers moeten worden aangemerkt, niet als zelfstandigen, en dat het boeterapport op ambtseed is opgesteld en betrouwbaar is.
Eiseres voerde aan dat zij niet op de hoogte was van de overtredingen en voldoende maatregelen had genomen, waaronder het opnemen van een contractuele bepaling die onderaanneming zonder toestemming verbood. De rechtbank oordeelt echter dat eiseres al vanaf maart 2010 had kunnen en moeten weten dat werkzaamheden door een onderaannemer werden uitgevoerd en dat zij onvoldoende controle heeft uitgeoefend.
De rechtbank vindt dat de omstandigheden waaronder de overtredingen plaatsvonden en de mate van verwijtbaarheid geen aanleiding geven tot matiging van de boete. Ook het argument dat eiseres niet heeft geprofiteerd van de overtredingen wordt verworpen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de boete blijft onverminderd van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete van €176.000 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen wordt ongegrond verklaard.