ECLI:NL:RBGEL:2014:6214
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij AWBZ-indicatie na verlopen indicatietermijn
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de verweerder om de aanvraag voor zorg op grond van de AWBZ af te wijzen, waarna het bezwaar gegrond werd verklaard en een indicatie voor persoonlijke verzorging werd toegekend voor drie maanden. Na intrekking van dit besluit en een nieuwe indicatie, stelde eiseres beroep in.
De rechtbank stelde vast dat de indicatietermijnen van de besluiten waren verlopen en onderzocht of eiseres nog procesbelang had. Omdat eiseres in de periode waarvoor de indicaties golden geen zorg had ontvangen of kosten had gemaakt, kon zij met het beroep geen financieel voordeel behalen. Daarnaast bleek uit het dossier en de zitting dat eiseres een operatie had ondergaan, waardoor haar gezondheidssituatie mogelijk wezenlijk was gewijzigd.
De rechtbank oordeelde dat hierdoor geen sprake was van een vergelijkbare situatie waarop het eerdere oordeel van toepassing kon zijn, waardoor het beroep niet diende te worden ontvankelijk verklaard. Een principieel belang was onvoldoende. Het beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na het verlopen van de indicatietermijn en gewijzigde gezondheidssituatie.