Uitspraak
[verdachte]
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Het onderzoek ter terechtzitting
3.De beslissing inzake het bewijs
Ten aanzien van het subsidiair onder II tenlastegelegde merkt de raadsman op, dat uit het dossier niet volgt dat zijn cliënt wist dat het huis en de daarin aanwezige kluis eigendom waren van de vader van aangever [benadeelde 1], de heer [benadeelde 2]. Uit de mededeling van aangever ‘dat hij niet wil dat zijn vader ervan af weet’, is niet zonder meer af te leiden dat de kluis niet van aangever [benadeelde 1] was. Dit maakt dat opzet op de wederrechtelijkheid niet kan worden bewezen. Derhalve dient vrijspraak te volgen.
5.De beslissing
vrijvan het tenlastegelegde.