Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
VONNIS
[verdachte]
cursiefweergegeven)
05 oktober 2011 tot en met 16 november
05 oktober 2011 tot en met 16 november
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde de zaak van een fysiotherapeut die werd verdacht van ontuchtige handelingen met twee cliënten over de periode 2008 tot 2011. De tenlastelegging betrof onder meer het betasten van de borsten en het inbrengen van vingers in de vagina van cliënten. Ondanks de aangiften van de slachtoffers was er geen aanvullend bewijs aanwezig in het dossier.
De verdediging voerde aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege procedurele fouten en het ontbreken van een informatief gesprek voorafgaand aan de aangiften. De rechtbank oordeelde echter dat deze fouten niet zodanig waren dat het OM niet-ontvankelijk verklaard kon worden. De officier van justitie eiste vrijspraak voor het eerste feit en veroordeling voor de overige feiten, maar de rechtbank sprak de verdachte integraal vrij wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
De benadeelde partij vorderde immateriële schadevergoeding, maar deze vordering werd afgewezen omdat de verdachte werd vrijgesproken en er geen straf of maatregel werd opgelegd. De rechtbank verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering tot schadevergoeding.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs; benadeelde partij niet-ontvankelijk in schadevordering.