Uitspraak
meervoudigemilitaire kamer in de zaak van
[verdachte]
Rechtbank Gelderland
De zaak betreft een militair die werd verdacht van poging zware mishandeling en mishandeling van zijn echtgenote en haar kinderen in de periode van juli 2011 tot juli 2013. De officier van justitie vorderde een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf met contact- en huisverbod. Tijdens de terechtzitting op 12 mei 2014 ontkende de verdachte de tenlastegelegde feiten en stelde dat hij zich verdedigend had gedragen.
De militaire kamer beoordeelde het bewijs, waaronder verklaringen van het slachtoffer, de kinderen en een getuige. De verklaringen stonden op cruciale punten tegenover elkaar en het aanwezige letsel kon in meerdere scenario's worden verklaard. Er ontbraken aanvullende bewijsmiddelen die het verhaal van de officier van justitie konden ondersteunen.
Gezien het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs sprak de militaire kamer de verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Tevens werd het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven. De uitspraak werd gedaan op 26 mei 2014 door de militaire kamer van de Rechtbank Gelderland te Arnhem.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.