ECLI:NL:RBGEL:2013:CA1945
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening teruggaaf omzetbelasting kunstgrasveld Stichting
De Stichting verzocht de rechtbank om een voorlopige voorziening te treffen voor de teruggaaf van € 65.298 aan omzetbelasting over de periode juni tot december 2012, verband houdend met de aanleg van een kunstgrasveld. De Belastingdienst had deze teruggaaf geweigerd op grond van het ontbreken van ondernemerschap en mogelijk misbruik van recht.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het spoedeisende belang niet voldoende was aangetoond, omdat uitsluitend een financieel belang niet volstaat zonder aannemelijk gemaakt ernstig en onherstelbaar nadeel. De stellingen over dreigende inbeslagname, faillissement en bedreigingen werden niet geloofwaardig bevonden. Daarnaast was er een aanzienlijk restitutierisico, mede door de onzekerheid over de waarde en verhandelbaarheid van het kunstgrasveld.
Ook werd de zaak inhoudelijk als te complex beoordeeld voor een voorlopige voorziening, mede vanwege de noodzaak van nader feitelijk onderzoek en de recente jurisprudentie over het gelijkheidsbeginsel waarop de Stichting zich beroept. Partijen spraken af de bodemprocedure te bespoedigen, waarbij de Belastingdienst toezegde het bedrag te zullen uitbetalen indien de teruggaaf in de hoofdzaak wordt toegewezen.
De voorzieningenrechter wees het verzoek tot voorlopige voorziening af en kende geen proceskostenvergoeding toe. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening voor teruggaaf omzetbelasting wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en groot restitutierisico.