Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
VONNIS
[verdachte],
Feit 1:
Feit 2:
niet bewezen, dat verdachte het
onder 1 ten laste gelegdeheeft begaan en
spreekt verdachte daarvan vrij;
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) week;
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het vervaardigen, verkopen en bezitten van GHB in de periode juni tot september 2012.
De rechtbank sprak verdachte vrij van de tenlastelegging van productie en handel met GHB vanwege onvoldoende bewijs. De verklaringen van getuigen waren onvoldoende concreet en niet nader gehoord, waardoor de rechtbank twijfels had over de betrouwbaarheid.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte op 14 september 2012 ongeveer 223,5 milliliter GHB in bezit had. Dit werd onderbouwd met onderzoek van aangetroffen vloeistoffen in de woning van verdachte en zijn eigen verklaringen.
Gezien de aard van het middel, de risico's van gebruik en de eerdere veroordelingen van verdachte, legde de rechtbank een gevangenisstraf van één week op, met aftrek van de tijd in voorarrest. De eis van de officier van justitie van 30 dagen gevangenisstraf werd als te hoog beoordeeld.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Gelderland op 9 oktober 2013.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot één week gevangenisstraf voor bezit van GHB en vrijgesproken van productie en handel.