ECLI:NL:RBDOR:2012:BV9759
Rechtbank Dordrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening partneralimentatie in echtscheidingsprocedure
In deze zaak vraagt een vrouw in het kader van voorlopige voorzieningen tijdens haar echtscheidingsprocedure partneralimentatie. De man betwist de hoogte van de behoefte en stelt dat de vrouw in staat is om te werken. De vrouw overlegt echter geen behoefteberekening of bewijsstukken van haar lasten.
De rechtbank acht het daarom redelijk om de behoefte van de vrouw aan te sluiten bij de bijstandsnorm voor een alleenstaande, wat neerkomt op een bruto bedrag van €935 per maand, gecorrigeerd tot €1.076 inclusief heffingskorting en zorgtoeslag. De draagkracht van de man wordt vastgesteld op een bruto jaarinkomen van €50.000, waarmee hij deze alimentatie kan dragen.
Verder wordt het verzoek van de man tot uitsluitend gebruik van de echtelijke woning toegewezen, terwijl het verzoek van de vrouw tot vergoeding voor het gebruik van de woning door de man wordt afgewezen omdat dit geen voorlopige voorziening is volgens de wet. De proceskosten worden gecompenseerd zodat ieder zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: De man moet vanaf de beschikkingdatum €1.076 per maand partneralimentatie betalen aan de vrouw.