ECLI:NL:RBDOR:2011:BR5744
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen intrekking bijstandsuitkering wegens ontbreken verblijfstitel
Eisers, een Roma-gezin met acht kinderen, hadden beroep ingesteld tegen de intrekking van hun bijstandsuitkering per 1 december 2009, omdat zij niet beschikten over een geldige verblijfstitel. Verweerder had het recht op bijstand ingetrokken op grond van de koppelingswetgeving, die het recht op bijstand koppelt aan het rechtmatig verblijf in Nederland.
Eisers voerden aan dat de intrekking in strijd was met diverse verdragsbepalingen, waaronder artikel 8 en Pro 14 EVRM en artikel 26 IVRK Pro, en dat hun Roma-cultuur en minderjarigheid van de kinderen bijzondere bescherming vereisten. De rechtbank oordeelde dat het onderscheid in de koppelingswetgeving gerechtvaardigd en proportioneel is en dat het verstrekken van bijstand aan vreemdelingen zonder geldige verblijfstitel het vreemdelingenbeleid zou doorkruisen.
De rechtbank stelde vast dat eisers en hun kinderen op de peildatum geen rechtmatig verblijf hadden en dat verweerder terecht het recht op bijstand had ingetrokken. De argumenten van eisers over discriminatie en schending van het gezinsleven werden verworpen, evenals hun beroep op artikel 3 EVRM Pro en artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de bijstandsuitkering wegens het ontbreken van een geldige verblijfstitel wordt ongegrond verklaard.