ECLI:NL:RBDOR:2011:BP9792
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betalingsovereenkomst onderaannemer en aansprakelijkheid tewerkstellingsvergunningen
EJR Gerüstbau GmbH, een Duitse onderaannemer, vordert van Kaefer Nederland B.V. betaling van €57.761,54 voor uitgevoerde steigerbouwwerkzaamheden bij een nieuwbouwproject in Dordrecht. Kaefer weigert betaling met het verweer dat EJR niet heeft voldaan aan de verplichting om te zorgen voor geldige tewerkstellingsvergunningen voor haar buitenlandse arbeidskrachten, zoals vereist door de Wet Arbeid Vreemdelingen (WAV).
De rechtbank stelt vast dat beide partijen als werkgevers in de zin van de WAV kunnen worden beschouwd en dat Kaefer onvoldoende heeft aangetoond dat zij met EJR is overeengekomen dat EJR verantwoordelijk was voor het verkrijgen van de benodigde vergunningen. De vermeende overeenkomst van onderaanneming, gedateerd 2 januari 2010, is pas na de constatering van de Arbeidsinspectie ondertekend en is door EJR betwist.
Omdat Kaefer niet heeft kunnen aantonen dat EJR contractueel verplicht was voor de vergunningen te zorgen, faalt het opschortingsverweer van Kaefer. De rechtbank veroordeelt Kaefer tot betaling van het volledige gevorderde bedrag, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dagvaarding, en in de proceskosten. De vordering wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Kaefer wordt veroordeeld tot betaling van €57.761,54 aan EJR, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten, uitvoerbaar bij voorraad.