ECLI:NL:RBDOR:2011:BP6267
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.H.J.G. Brekelmans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit draagkrachtstudieschuld wegens onzorgvuldige inkomensvaststelling
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap waarin zijn draagkracht voor de aflossing van zijn studieschuld werd vastgesteld op basis van een vermeend Tsjechisch superbruto inkomen. Verweerder heeft het inkomen zelf omgerekend zonder de juiste verklaring van de belastinginspecteur te vragen, zoals voorgeschreven in artikel 8a van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (AWIR).
De rechtbank oordeelt dat verweerder hiermee de wettelijke bepalingen van artikel 8a AWIR en de artikelen 3:2 en 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft geschonden. Verweerder had eiser de gelegenheid moeten geven een verklaring van de inspecteur te overleggen over het niet in Nederland belastbare inkomen. Door dit niet te doen en zelf het verzamelinkomen te bepalen, heeft verweerder niet zorgvuldig gehandeld en onvoldoende gemotiveerd waarom hij afweek van de wettelijke procedure.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en bepaalt dat verweerder een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiser.
De uitspraak benadrukt het belang van een correcte en zorgvuldige inkomensvaststelling bij buitenlandse inkomsten in het kader van studiefinanciering en de noodzaak om de juiste procedures te volgen zoals voorgeschreven in de AWIR en Awb.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuwe beslissing nemen over de draagkracht van eiser.