ECLI:NL:RBDOR:2010:BM8492
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag werknemer met WSW-indicatie wegens niet meewerken herindicatie onzorgvuldig
Een werknemer met een indicatie krachtens de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) werd ontslagen door de werkgever, een werkvoorzieningsschap, omdat hij niet meewerkte aan een herindicatieprocedure. De werkgever stelde dat voor dit ontslag geen ontslagvergunning nodig was op grond van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen (BBA).
De werknemer vorderde in kort geding wedertewerkstelling en betaling van salaris, stellende dat het ontslag kennelijk onredelijk was omdat de werkgever onvoldoende zorgvuldig had gehandeld. De kantonrechter stelde vast dat de werkgever de werknemer niet had geïnformeerd over de consequenties van het niet meewerken aan de herindicatie, terwijl de werknemer vanwege zijn ernstige arbeidsbeperkingen extra begeleiding behoefde.
De kantonrechter oordeelde dat de werkgever onvoldoende zorgvuldig had gehandeld en dat het ontslag naar voorlopig oordeel kennelijk onredelijk was. Daarom werd de vordering tot toewijzing van loonbetaling en tewerkstelling toegewezen. De werkgever werd veroordeeld binnen 10 dagen de werknemer toe te laten tot zijn werkzaamheden, onder verbeurte van een dwangsom. De kosten van het geding werden aan de werkgever opgelegd.
Uitkomst: De kantonrechter beveelt herstel van tewerkstelling en betaling van loon wegens onzorgvuldig ontslag van werknemer met WSW-indicatie.