ECLI:NL:RBDOR:2009:BK3695
Rechtbank Dordrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil over dwangsommen bij gebruik verboden handelsnaam
In deze zaak staat een executiegeschil centraal over dwangsommen die zijn opgelegd wegens het gebruik van een verboden handelsnaam en logo. De voorzieningenrechter van de rechtbank Dordrecht heeft eerder een bevel gegeven aan eiser om het gebruik van de handelsnaam en het logo te staken, met een dwangsom voor elke overtreding en voor elke dag dat de overtreding voortduurt.
Eiser vordert onder meer dat gedaagde wordt verboden de executie wegens overtredingen voort te zetten en dat beslag wordt opgeheven. Gedaagde stelt aanspraak te maken op verbeurde dwangsommen, terwijl eiser betwist dat hij dwangsommen heeft verbeurd en voert onder meer verjaring en rechtsverwerking aan.
De rechtbank oordeelt dat het bevel niet serieel kan worden overtreden, zodat slechts eenmaal een dwangsom wordt verbeurd ongeacht het aantal wijzen van overtreding. Het is aannemelijk dat het bevel is overtreden door het gebruik van de verboden handelsnaam op diverse websites, en dat dit niet het gevolg is van onmogelijkheid om het bevel na te komen. Rechtsverwerking door gedaagde is niet aannemelijk. De dwangsombepaling kan niet worden gewijzigd. De executie mag worden voortgezet tot maximaal € 39.000 aan dwangsommen. Het verzoek tot opheffing van beslag wordt afgewezen. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot opheffing van beslag af en beperkt de executie tot € 39.000 aan verbeurde dwangsommen.