ECLI:NL:RBDOR:2009:BI7111
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schorsing non-concurrentiebeding wegens onduidelijkheid rechtsopvolging werkgever
De werknemer was van 2001 tot 2008 in dienst bij Oranjedak en haar rechtsvoorgangster Steenmetz Daktechniek B.V., laatstelijk als technisch adviseur. De arbeidsovereenkomst bevatte een non-concurrentiebeding dat de werknemer na het einde van het dienstverband beperkte in het verrichten van gelijksoortige werkzaamheden.
Na zijn opzegging per 1 oktober 2008 gaf de werknemer aan in dienst te treden bij een zusterbedrijf dat andere activiteiten ontplooide dan Oranjedak. Oranjedak beriep zich op het non-concurrentiebeding, terwijl de werknemer stelde dat er geen geldig beding was omdat Oranjedak een nieuwe overeenkomst had moeten aangaan na een naamswijziging en dat het beding onredelijk was.
De kantonrechter oordeelde dat Oranjedak onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de rechtsvoorgangster tussen de ondertekening van de overeenkomst en de mededeling van voortzetting van de arbeidsovereenkomst geen andere wijziging dan een naamswijziging had ondergaan. Hierdoor kon niet worden uitgesloten dat het non-concurrentiebeding ongeldig was. Daarom werd de schorsing van het beding toegewezen. De overige vorderingen, waaronder matiging en vergoeding, werden niet behandeld of afgewezen.
Uitkomst: De werking van het non-concurrentiebeding wordt geschorst totdat de bodemrechter onherroepelijk heeft beslist.