ECLI:NL:RBDOR:2008:BG8587
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verdachte veroordeeld tot gedeeltelijk voorwaardelijke werkstraf voor meervoudige mishandeling van minderjarige dochter
De rechtbank Dordrecht heeft op 30 december 2008 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen een 47-jarige verdachte die werd beschuldigd van meervoudige mishandeling van zijn minderjarige dochter en mishandeling van een 12-jarige buurjongen. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zijn dochter in de periode van 3 mei 2005 tot en met 8 december 2007 meerdere malen met veel kracht tegen het hoofd heeft geslagen, wat niet kan worden gerechtvaardigd als een corrigerende tik. Daarnaast werd bewezen verklaard dat verdachte op 30 april 2007 een buurjongen mishandelde.
De verdediging voerde aan dat de handelingen van verdachte corrigerende tikken waren en dat hij uit noodweer had gehandeld bij een van de mishandelingen, maar deze verweren werden door de rechtbank verworpen. De rechtbank oordeelde dat het handelen van verdachte de psychische en lichamelijke integriteit van zijn dochter ernstig heeft geschaad en dat kinderen beschermd moeten worden tegen dergelijke mishandeling.
Gezien het feit dat verdachte niet eerder met justitie in aanraking was gekomen, besloot de rechtbank af te zien van een gevangenisstraf en veroordeelde verdachte tot een werkstraf van zestig uur, waarvan dertig uur voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De tijd in voorarrest werd in mindering gebracht. De rechtbank sprak verdachte vrij van feiten die niet wettig en overtuigend bewezen konden worden en ontsloeg hem van rechtsvervolging voor een feit dat als noodweer werd beoordeeld.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van zestig uur, waarvan dertig uur voorwaardelijk, wegens meervoudige mishandeling van zijn minderjarige dochter en mishandeling van een buurjongen.