ECLI:NL:RBDOR:2008:BG5745
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd en onjuiste verklaring werkgever aan derde
De werknemer was sinds 11 oktober 2005 in dienst bij Van Pelt op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, die meerdere malen werd verlengd. Op 21 april 2006 gaf de werkgever een verklaring af aan een derde (verhuurder) waarin stond dat de werknemer sinds die datum in vaste dienst was, wat feitelijk onjuist was.
De werknemer vorderde loon vanaf 18 september 2006 vermeerderd met vakantietoeslag en wettelijke rente, omdat hij meende dat de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd was voortgezet. De werkgever stelde dat de brief van 21 april 2006 uitsluitend bedoeld was voor de verhuurder en dat het dienstverband tot 11 oktober 2006 voor bepaalde tijd liep.
De kantonrechter oordeelde dat de brief onjuist en uitsluitend bedoeld was voor de derde partij, waardoor de werknemer daaruit geen rechten kon ontlenen. Het dienstverband liep derhalve slechts tot 11 oktober 2006. De loonvordering werd toegewezen voor de periode van 18 september tot 11 oktober 2006 met een matiging van de wettelijke verhoging tot 10%. De reconventionele vordering van de werkgever werd afgewezen.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst liep tot 11 oktober 2006 en de loonvordering werd toegewezen voor de periode van 18 september tot 11 oktober 2006.